|
|
Columns
27-01-2012
Verliefd!
lees column...
Wij hebben 3 kinderen van 6, 13, en 15 jaar dus u snapt dat de eerste grote verliefdheid van de week z’n entree maakte. Onze dochter van 13 heeft een vriendinnetje dat natuurlijk “half dood gaat” als ik haar echte naam gebruik dus we noemen haar even ‘Babs’. Ze is vrolijk, lief en mooi. Ik was dus niet verbaasd toen mijn vrouw zei “Je zoon is verliefd”. Leuk! Ik liep naar de kamer van de oudste, de jongste sprong onderweg nog op m’n nek en wilde van alles kwijt, maar ik zei dat ik nu even met z’n grote broer wilde praten. Die zat midden in een computergame toen ik hem zo cool mogelijk op z’n schouder sloeg en zei “Van harte jongen, verliefd!”. Hij keek niet op of om en terwijl de digitale bloedspetters aan de binnenkant van z’n beeldscherm naar beneden drupten zei ie “Doe ff normaal gast, verliefd, echt niet”. Mijn vrouw had zich blijkbaar vergist. Beneden kroop de jongste van 6 bij me op schoot en vroeg “Pap, als ik net zo oud ben als Babs en ze is dan nog geen moeder, kunnen we dan trouwen?”. Hij was het! Ik overwoog nog even om van wal steken over het onoverbrugbare leeftijdsverschil van 7 jaar maar sinds Linda de Mol en haar jongere vriend had ik natuurlijk geen verhaal. Ik vroeg wat ie zo leuk aan haar vond. “Ze heeft zo mooi zwart om haar ogen (eyeliner), maar ook als ze dat niet heeft vind ik haar mooi”. Tja, als je je vrouw ook mooi vindt als ze niet is opgemaakt, dan is het echte liefde. Ik vroeg hoe hij wist dat ie verliefd was. Hij zei “Als ik haar zie, gaat m’n hart schudden”. Hier was niks tegenin te brengen. Bovendien, wie ben ik om de gevoelens van een 6-jarige te bagataliseren? Ik was net zo oud toen ik voor ‘t eerst verliefd was op buurmeisje Jetske en dat voelde verdomd echt. Ik had een fiets met een handvat waar je aan kon draaien en dan hoorde je een motorgeluid. Dus ik fietste steeds keihard zodat ik het laatste stuk niet hoefde te trappen en deed dan net of ik met de motor bij haar huis aankwam. Totdat ik ongenadig hard onderuit ging met als resultaat drie hechtingen in mijn kin. Ik wist meteen dat verliefdheid en op je bek gaan bij elkaar hoorde. Mijn jongste heeft gelukkig nog geen idee. Toen ie vanmorgen wakker werd was het eerste dat ie zei “Is me schatje er al?”.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
20-01-2012
DeMolcratie
lees column...
Een bijwerking van The Voice Of Holland is dat je er een leuk inzicht in onze democratie bij cadeau krijgt. Met niet De Hond maar De Mol als opiniepeiler. Ze zeggen: “Een land krijgt de leiders die het verdient”. Mijn stelling is: een land krijgt The Voice die het verdient! Chris, Iris, Paul en Erwin, ze zijn als het goed is allemaal door middel van stemmen in de finale gekomen en dat zegt wat over dit land. Zonder een parallel te maken met de politieke voorkeur van de finalisten zie ik duidelijke overeenkomsten. Neem Erwin. De troubadour, de straatmuzikant, de protestzanger. Hij vertolkt de SP in de maatschappij. Even populair als de SP nu, is hij een beetje een anti-held a la Roemer. Met een vleugje shag om zich heen heeft ie de stem van de mensen met het ‘muzikale hart’ gewonnen. Voor hen draait TVoH om wie de beste muziek brengt. Verknipt tot gemankeerde samenvattinkjes van 1:30 maar toch, muziek. Dan is er Iris. Zij staat symbool voor de degelijke stroming, het warme, de naastenliefde, zeg maar de oude CDA. Mits die andere Kroes ineens harp gaat spelen zie ik de harp niet snel hot worden en dat is maar goed ook. Net als het CDA moet je Iris niet hot willen maken. Stemmen op Iris is stemmen op een ‘vertrouwd’ geluid zonder al te veel uitspattingen. Dan is er Chris. Hij lijkt meer op Guido Weijers dan op Rutte maar toch is ie de VVD. Het is de ‘liberal’, de jonge go-getter met een geluid dat minder soft is dan dat van Erwin en grijpbaarder dan dat van Paul. Tja, en dan die Paul. Met z’n rare geblondeerde haar en onnavolgbare uitspraken is het een ongeleid projectiel. Hij schreeuwt meer dan ie zingt, verkiest show boven zuiverheid en moet een beetje tegen zichzelf in bescherming genomen worden. Moet ik nog meer zeggen? Treffend toch! Echt, deze theorie is waterdicht. Conform de laatste peiling van De Hond wint dan ook Chris of Erwin. Maar ook als ik me vergis (ik schrijf dit op woensdag) vind ik TVoH onze democratie in het klein; een deMolcratie! Met dat verschil dat De Hond niet rijk wordt van de stemmen en dat dit land zich wél massaal druk maakt over The Voice. Verder klopt alles. Ik kan zelfs met deze theorie verklaren waarom veruit de beste kandidaat, Charly Luske het niet heeft gered. Net als met D66, gewoon pech… told.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
13-01-2012
Lach of ik schiet!
lees column...
Het klinkt misschien raar uit de mond van een cabaretier, maar ik kan geen cabaret meer zien. De afgelopen weken werd je ermee doodgegooid. Zo konden we genieten van de theaterprogramma’s van Marc Marie, Claudia de Breij, Youp, Freek, Herman Finkers, Hans Teeuwen, Lebbis, Beau, Klaas van der Eerden, Hans Liberg en André van Duin. Maar ook ‘normale’ tv-programma’s zijn steeds meer cabaret-georiënteerd: ‘t cabaret bij Paul de Leeuw, Dolf Jansen’s oudejaars van het volk bij P&W, ‘Tatatataal’ van Erik van Muiswinkel, Jeroen van Koningsbrugge bij ‘Ik hou van Holland’, Peter Heerschop bij ‘Wat vindt Nederland’. En we zijn er nog niet, want doorlopend komen er satirische programma’s bij met nieuwsgrappen of persiflages: Dit was het Nieuws, Vrijdag op Maandag, Koefnoen, Weijers Ontweekt, Draadstaal en… ik stop. Vind ik die programma’s allemaal stom? Nee. Ik vind het teveel. Het lijkt wel of de humorpolitie elke dag in onze huiskamer staat te schreeuwen; Lach of ik schiet! Door de hoeveelheid krijgt het iets geforceerds. We slaan de kijker murw met onze grappen, overpeinzingen en persiflages. En wij – onze beroepsgroep – doen onszelf én de kijker, die eerst nog best zin had in een avondje theater, tekort. De exclusiviteit en nieuwsgierigheid raakt er wel een beetje af dus die theaterkaartjes komen wel een keer, maar nu even niet. Het is net als met biefstuk. Heerlijk, maar na een paar weken élke dag geloof je het wel even. (Ik wilde dit voorbeeld eigenlijk met sex doen, maar de man in mij protesteerde.) En dat is jammer want het Theater is volgens mij altijd nog de meest heilige plek voor ons vak. Daar waar je niet gestoord door telefoon, kinderen of collectanten (cliniclowns uiteraard) écht meegenomen wordt in een overdacht, grappig, verhaal dat zich in try-outs bewezen heeft met hier en daar een liedje dat er niet uitgeknipt is. Daar kan geen televisieminuut tegenop. Hypocriet? Vorig jaar werd ons vorige theaterprogramma immers ook rond de feestdagen uitgezonden. Misschien. Maar ‘Met de kennis van nu’ pleit ik inmiddels voor een wat betere spreiding. Of beter: de zomer! De theaters zijn dan toch dicht en dan zit er even tijd tussen tot het nieuwe theaterseizoen begint. Zijn we meteen van al die eindeloze herhalingen af. Maar goed, ik begreep dat ze bij De Wereld Draait Door intussen vanaf februari élke dag een cabaret-item gaan doen… Ach misschien is het de leeftijd en ben ik gewoon een oude zeikerd. Ik ben immers ook alweer 41.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
06-01-2012
Voornemen
lees column...
Hmmm, eens kijken hoor. Ik wil om te beginnen minstens 8 kilo afvallen. Ik wil een wat geduldigere vader zijn. Ik wil m’n vliegbrevet halen. En ik wil van m’n vliegangst af. Oh, die laatste twee wil ik liever in de omgekeerde volgorde. Ik wil wat vaker een weekendje weg. Ik wil een sixpack. Of een fourpack op z’n minst! Ik wil definitief van mijn zin om te roken af. Gestopt ben ik al lang, maar de drang om af en toe te roken blijft maar terugkomen. Ik wil minder drinken. Gewoon, voor mezelf, m’n gezondheid en m’n aanleg om verslaafd aan dingen te raken. En ik wil bij nader inzien 10 kilo afvallen. Ik wil minder mobiel bellen. Ik wil op pianoles. En zangles. Nou ok, ik wil het niet, maar ik moet het van mezelf. Ik wil een begin maken aan een boek. Ik wil een poging doen meneer Doutzen Kroes te worden. Of meneer Anniston. Al moet ik dan wel minimaal 15 kilo afvallen. Ok, ok, Doutzen een keer ontmoeten is wel het minste. Ik wil wat minder afgunstig zijn naar mensen bij wie alles vanzelf lijkt te gaan. Ik wil selectiever zijn in het ‘accepten’ van facebookvrienden. Ik wil er het liefst een paar uitflikkeren. Ik wil überhaupt wat vaker nee zeggen. Of juist ja. O en ik wil zeker een half jaar niet op Funda kijken. Ik wil feller en meer in het openbaar ageren tegen de club der kortzichtigen die zichzelf de PVV noemt. Ik wil vaker varen, of het bootje verkopen. Een van de twee. Ik wil met Kemper weer eens op Curaçao spelen. Ik wil dat de zalen onverminderd vol blijven zitten. Van Rijswijk tot Luxor van Ijmuiden tot DelaMar. Nou, dat is het wel zo’n beetje. O ja, en ik wil dat een van die oma’s die de postcodeloterij heeft gewonnen mij aanneemt als enige kleinzoon! Pfff, als ik dat lijstje zo eens teruglees krijg ik het nog druk. Ik wil nogal wat. Wacht eens even, daar zeg ik zoiets… Ik weet het: ik ga iets minder willen! Dat is pas een goedvoornemen! Gewoon iets minder willen. Voornemen dit, voornemen dat. Al dat nemen. Ik ga het zelfs omdraaien. Ik maak voor de verandering eens een goed voorgeven! Hoe? Luister zondag vanaf 22:00 naar Radio2 voor het hoe, het waarom weet u bij deze. Oh, en beste Vrij-lezer, ik zou het bijna vergeten, de beste wensen nog hè!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
23-12-2011
Kerst
lees column...
Voor sommigen betekent Kerstmis: kerk, familie, wild, natafelen, mooie kleding, cadeautjes, smullen, veel te kort. Voor anderen ziet dit rijtje er zo uit: schijnheiligheid, familieruzie, dierenleed, opzitten, apepakkie, geld uitgeven, aankomen, veel te lang. Persoonlijk weet ik het nooit vantevoren. Meestal wordt het een onsamenhangende mix. De voorpret die sommigen hebben met het voorbereiden van de 2 kerstdagen is mij in ieder geval totaal onbekend. Dat begint al met het bepalen van met welke familie het waar op welke kerstdag gevierd wordt. Voilà; 3 ingredienten die zomaar met een slordige 34 mensen moeten worden afgestemd. Ga er maar aan staan in dit polderlandschap. Wij zijn dit jaar op 12 mei begonnen met het eerste mailtje en 116 ‘reply to all’s’ was het vorige week pas rond. Want al die gezinnen moeten het weer afstemmen met de familie van de partners die ook weer gezinnen hebben met partners die dat ook weer moeten afstemmen etcetera. Om gek van te worden. En ben je er net uit welke dag met wie, komt de volgende kwestie: waar? De een heeft de 1e kerstdag al de familie van de man dus zit niet te wachten op de familie van de vrouw op de 2e kerstdag. Maar ja, dat andere gezin heeft ook al de familie van de ander op 1e kerstdag dus da’s 1 - 1. De derde in het gezin is dus dé aangewezen persoon, ware het niet dat de jongste daar adhd heeft en niet tegen grote groepen in huis kan of de vrouw van de tweede in het gezin allergisch is voor de kat die daar 3 jaar geleden is overleden. “Blijft heel lang hangen hoor”. Om een lang verhaal kort te maken, toen ik mijn vrouw na 8 maanden opgelucht hoorde zeggen “Alles is geregeld hoor, we zijn eruit!” en ik vroeg “Mooi, waar we gaan we heen?”, zei ze: “Twee dagen bij ons”. Maar mijn kerst kan dit jaar sowieso al niet meer stuk. Komt door mijn jongste van 6. Toegegeven hij moest even omschakelen en zat vorige de week keurig in zijn zwarte pietenpak onder de kerstboom en scandeerde “Ik ben een kerstmanpiet!”. Maar een paar dagen later vertelde hij wel 3 keer per dag het kerstverhaal aan iedereen die het niet wilde horen. Jozef, Maria, Ezel, Jezus, Kribbe. Toen mijn vrouw vroeg “En waar werd Jezus ook alweer geboren?” leek ie even uit het veld geslagen. We gingen hem helpen “Be… Be…Be...” “Ja ik weet het!” riep ie; “Bentveld!”.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
16-12-2011
Arrogant
lees column...
Ik loop binnen bij een bakker en ben gelijk aan de beurt. Goedemiddag mag ik een gesn… “Jaaaah, jou kan ik! Jij bent vanneh… televisie! Van die typetjes enzo. Ja, ik kijk nooit geen televisie, maar voor jullie gaan ik echt zitten hoor. Jawel, jij bent van Veldman en Van Kempen”. Nou eh, bijna goed maar dat geeft helemaa…. “Jaaaah, mijn vrouw vind jullie ook helemaal te gek. Zelf ben ik niet zo’n liefhebber van Gordon, maar jullie doen het errug leuk in dat programma.” Programma? “Jaaaaah, de Voice-factor, jullie hebben d’r kijk op! Vin ik hoor!” Bedankt, maar ik denk dat u Nick en Si…. “Als die Charly Lussenburg niet wint, vreet ik m’n schoen op!” Ah, nu snap ik het. Dat in die jury zijn Nick en Simon meneer. Die zitten daar niet met Gordon maar met Van Velzen, Marco Borsato en Angela Groothuizen en dat programma heet niet the Voice-Factor maar The Voice of Holland. Wij zijn meer cabaretiers die in het thea… “Jaaaa, die typetjes jongen, ik lig in een deuk!” Typetjes? Bedoelt u Koefnoen? Wij doen wel typetjes, maar dan in het thea…. “Wel jammer dat Ik Hou Van Holland alweer gestopt is hè. Als die Chinees opkomt pist m’n vrouw al in d’r panty. Dat jullie het droog houden.” Oh wacht even, dat is Jeroen van Koningsbrugge! En die typetjes doet ie in Neonletters. En Nick en Simon speelden daar een tijdje gele… “Oh die vin ik niks. Ja ieder z’n smaak hoor, maar Volendammers zijn gewoon niet mijn soort mensen. Ja, dat liedje van Als Ik Jouw Was vond ik nog wel leuk, maar verder… Nee, dat ik zeg, ik kijk nooit geen TV, maar jullie! Top! Dat laatste liedje, Blonde Krullen. Zo mooi. Gaat zeker over je maatje Dennis?”. Ok koekebakker, luister. Ik ben de helft van VELDHUIS en KEMPER, een cabaretduo dat geen typetjes op televisie doet, nog nooit in een jury heeft gezeten, niets met Gordon te maken heeft, in het theater staat met cabaretprogramma’s en wel degelijk IK WOU DAT IK JOU WAS schreef! Blonde Krullen gaat over het zoontje van Kemper en niet over Dennis van der Ven van Neonletters en ik wil godver@%&* nu graag een heel gesne… “Tut tut tut. Zie je nou; ze zijn 1 keer met z’n kop op televisie en gelijk arrogant. Naar jou kijk ik dus ook niet meer jongen!” Prima meneer, dat deed u toch al niet… Goedemiddag!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
09-12-2011
Stem kwijt
lees column...
Ik was mijn stem kwijt. Natuurlijk denken alle weldenkenden onder u meteen aan het politieke klimaat in Nederland, maar ‘Vrij’ houdt het graag luchtig. Mijn fysieke stem dus. Ik merkte het toen ik opstond en een welgemeend ‘Goedemorgen schoonheid’ tegen de spiegel probeerde te zeggen. Ik klonk als een dronken papegaai die net 2 pakjes zware shag door zijn cornflakes had gemixt. Probleem, want ik had 3 voorstellingen voor de boeg. Ik spoedde naar de drogist waar ik de hele collectie keelpastilles, hoestdrankjes, homeopatische chakra 5 druppels insloeg. Het mocht niet baten bleek tijdens de soundcheck in Dordrecht. Als technici spontaan met koptelefoons op gaan lopen weet je genoeg. De theaterdirecteur wilde zelfs even met me langs een KNO-arts. Vanaf dat moment raakte mijn stem in een duikvlucht maar mijn ontzag voor ‘de organisatie’ in Nederland steeg met de minuut. Alsof ik zo was weggelopen uit ER werden mensen bij de spoedeisende hulp van het Zwijndrechtse ziekenhuis opzij geduwd. Beschaamd probeerde ik de blik van een man met een hakbijl in zijn voet die moest blijven wachten te ontwijken. Conclusie: een virus op mijn stembanden. Ik mocht spreken, niet zingen. Collega Veldhuis redde mijn kont in de liedjes en krakend als een kotter op drift haalde ik die avond de eindstreep. De volgende ochtend zat ik al bij de KNO-arts van mijn eigen Haarlemse ziekenhuis. Ik weet niet welke operaties er voor mij werden uitgesteld maar als u het was: bedankt! Ik kreeg een kuurtje en mocht 2 dagen niet spelen. Excuus 2e avond Dordrecht, sorry Den Helder. Maar de theaters hadden blijkbaar alweer draaiboeken klaarliggen met “wat-te-doen-als-de-helft-van-Veldhuis-&-Kemper-zijn-stem-kwijt-is”. Binnen een paar uur waren 1.500 mensen persoonlijk op de hoogte gebracht, waren de nieuwe data voor inhaalvoorstellingen geprikt, persberichten verstuurd en hing RTL Boulevard aan de lijn om te horen hoe Kemper nòg schorder dan normaal klonk. En overal; begrip, bemoedigende woorden en geen wanklank te horen. Mijn stem heb ik weer terug (al is die in Den Haag nog steeds zoek). Maar u zult mij nooit meer horen over de zg. stroperige, overdreven regeltjes-cultuur waardoor we in dit land niet meer snel zouden kunnen ‘schakelen’. Hulde aan de medici, hulde aan de theaters! En aangezien we een écht duo zijn, heeft Veldhuis nu hetzelfde probleem. Gelukkig hoeven we dit keer een paar dagen niet te spelen.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
02-12-2011
Liefdeloos
lees column...
De hoofdmeester van het Nederlands cabaret schreef vorig weekend een column over het nieuwe Nederland die als een schokgolf door twitter, krant en vaderland trok. Youp op z’n best! Relevant, hard, kernachtig, scherp en beschuldigend! En zo hoort het ook. Cabaretiers zijn nou eenmaal de spreekstalmeesters en de politiek is de kop van jut. It comes with the job(s), za’k maar zeggen. Eerlijk is eerlijk, we hebben het wel een stuk makkelijker dan die mensen die bekritiseerd worden om hún idealen, door ons, de idealisten. Eigen schuld dikke bult misschien, maar toch. Wij hoeven geen wetgeving te maken, noch uit te voeren. Wij hoeven niet, geconfronteerd met schrijnende uitzonderingen als Jossef en Mauro, na te denken over humanisme en wat wettelijk mag. Wij hoeven geen beleid te maken dat dit land door een crisis moet loodsen, of de ondergang van de euro moet afwenden. Wij hoeven niet te kiezen tussen 30.000 werklozen extra of staatssteun geven. Tussen de hypotheekrenteaftrek handhaven en hoe dan nog de woningmarkt vlot te trekken. Wij hoeven alleen maar toe te kijken. Hun dilemma’s zijn de brandstof voor onze grappen. Terwijl half links én rechts met de beveiliging voor de deur in bed ligt te piekeren of ze ooit weer met de kids naar de Efteling kunnen, staan wij ter eer en meerdere glorie van onszelf op een podium. Luid applaus krijgen we na afloop van óns werk. De mensen lachen om ons, mét ons! We bieden troost en scharen ons tussen hen om namens de minder verbaal begaafden het woord te nemen. Soms net zo hard als de verharding zelf. Ik breek expliciet geen lans voor de Leers, want Jossef moet/kan gewoon blijven en veracht ik waar Wilders voor staat, maar ik realiseer me wel dat wij cabaretiers gewoon makkelijk(er) praten hebben. Dat is nou eenmaal zo. Al jaren. Zelfs Toon, milde Toon schreef ooit: “Politiek is handjes drukken, dreigen, sjoemelen en bukken, katten uit de bomen kijken, overreden, over-lijken, schipperen of schaakmat zetten, lange speeches, korte metten, witte voetjes, pan uit vegen, passen, meten, wikken, wegen, lachjes, dansjes, Judas-kusjes, loeren draaien, dooie musjes, veel beloven, vleien, paaien, de kunst om om iets heen te draaien, d'r is geen liefde, regelrecht, en daar is alles mee gezegd”. Best pittig voor ze… Maar wat zit ik het nou allemaal te nuanceren eigenlijk!?! Zoals het nu gaat ís het ook gewoon “eigen schuld dikke bult”. Zeker dat van die liefdeloosheid…!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
25-11-2011
Uitverkoop
lees column...
Het is zaterdagmiddag, ik loop naar buiten en weet niet waar ik ben. Je bent rock & roll cabaretier of niet. Ik loop een winkelstraat in en probeer te zien in welke stad ik wakker werd; Blokker, WE, Etos, 't Kruidvat, H&M, C&A, V&D, Hema, Dolcis, McDonalds, Intertoys, DeliFrance. Ik ben dus in Amsterdam. Of Utrecht. Of Den Haag, Breda, Eindhoven, Groningen, Helmond, Alkmaar, Haarlem of… In ieder geval níet in Rijswijk want daar hebben ze twee Blokkers. Ik realiseer me wat een goede marketeers het zijn bij de NS dat ze ons over kunnen halen om een dagje ‘erop uit te gaan’ naar een andere stad. Aan de met neonkleur behangen winkelpuien te zien is er iets bijzonders aan de hand. "Deze hele week, géén uitverkoop" en "Alleen vandaag: 1 halen = 1 betalen". Ik stap een winkel in en ga hier eens lekker van profiteren. Ik loop straks als enige in Nederland in een trui die niet is afgeprijsd!“Mooie trui… Dank je, was in de verkoop” Als ik een oranje displaykaart zie met de tekst “Alles moet blijven, geen korting” controleer ik alle truien op de prijskaartjes. ’t Klopt! Een mevrouw vraagt of ze me kan helpen. Jaja “helpen”… En als ik dan een trui kies doet ze er zeker stiekem een paar gratis sokken bij. Daar trap ik niet in. Ik wil gewoon iets kopen voor de normale prijs die het waard is. Niks eraf en niks erbij. Gewoon wat het kost om te maken plus een beetje extra voor de winkelier. Zodat ik me tegenwoordig niet bij alles waarvoor ik nog de normale prijs betaal een enorme sukkel voel. Zodat ik bij de supermarkt niet meer langer bezig ben om ‘”nee bedankt” te zeggen op alle vragen over koopzegels, kristalpunten, disneypunten, airmiles en zoeken naar mijn bonuskaart dan om de weekboodschappen in te slaan. Zodat tanken niet meer 3x zo langt duurt omdat ik toch geen “gebruik wil maken van de aanbieding van 12 pakjes xylyfreshultramentholfluoride-kauwgom voor de prijs van 11”. En zodat mijn vingers zich niet meer eerst een weg moeten banen langs airmiles-, freebees- en rocks-pasjes voordat ik bij een 50 cent munt ben waarmee ik door het poortje van het toilet kan om “even snel te pissen”. Waarna ik meteen weer achter in de rij kan aansluiten omdat ik met dat toiletbezoek een kortingsbon heb gekregen en nu dom ben als ik daarmee geen gevulde koek koop. Het kost allemaal tijd. En tijd is geld. Want in die tijd kan ik ook een liedje schrijven. Zonder korting.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
18-11-2011
Feest
lees column...
Voor ik begin: door een zetfout leek het alsof de column ‘Geluk’ van vorige week van ondergetekende kwam maar dat is niet zo. Dus ere wie ere toekomt, het was Richard die zich door de brandweer heeft moeten laten bevrijden uit een klimrek…. Niet ik. Goed, terug naar deze column. Ik kreeg laatst van een kennis foto’s van z’n dochters’ verjaardagsfeest gemaild. “Was gezellig joh!”. Nou, dat kon je zien hoor. Een feestelijk verlichte kamer met 30 tieners die schijnbaar zwijgend met hun telefoon in de weer waren. De taart, cola en chips stonden er onaangeroerd bij en het feestvarken was minstens zo druk met haar telefoon. Als Twitteraar en Facebooker weet ik dat Social Media je kunnen opslorpen, maar wat ik op die foto zag kan toch niet de bedoeling zijn. Op dat feestje was neem ik aan het grootste deel van de aanwezigen elkaars ‘vriend’ of ‘volger’ dus wat zitten ze überhaupt nog met die telefoon te doen? Waren de uitnodigingen verkeerd terecht gekomen en zaten nu alle eikels op dat feestje en waren alle vet coole mensen nog ‘out there’? Hadden papa en mama gezegd: “maximaal 30!” en had dochterlief toen geroepen “Djeeeeezussss, en m’n andere 347 beste vrienden dan whatever dussss!?”. Was er ergens op het internet een megafeest aan de gang en waren ze daar nu met diezelfde 30 tieners virtueel aan het schuren, kletsen en tongzoenen? Of waren ze allemaal op vakantie in Second Live en lagen ze daar nu in de zon Breezers te drinken en elkaar in bikini en zwemshort te bewonderen? Ik weet niet waar ze wel waren, maar in ieder geval niet op dat verjaardagsfeestje in die vrolijk verlichtte huiskamer op de foto. Social Media die sociale momenten om zeep helpt, het is een nachtmerrie. Het is een beetje alsof door het succes van de vitaminepil niemand meer fruit eet. Ik neem me dan ook voor dat, als mijn dochter 15 wordt en op haar feestje niet iedereen z’n telefoon onmiddellijk weg legt, papa dan wel zal zorgen voor de gezelligheid! DJ-Daddy komt dan draaien en ik doe een niet gerepeteerde jongleer-act met 30 mobieltjes. Dancing Daddy & Music Mummy komen voordoen hoe je moet dansen én vooral schuren en als dat nog niet genoeg is improviseer ik ter plaatste een twee uur durende poppenkastvoorstelling over ‘Tongzoenen doe je zo!’. Moet jij ’s kijken hoe snel het feest is…!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
11-11-2011
Online
lees column...
Bij ons thuis kwam vroeger de melkboer met een kar. Wij vonden dat enorm luxe. Afrekenen hoefde maar eens per maand want wat je kocht werd opgeschreven. In een klein, dik, zwart boekje met een eigen pagina voor elke familie. Niemand die zich afvroeg hoe het moest als het boekje kwijt raakte, laat staan dat iemand ooit had gehoord van een ‘back up’. Als ik dit aan mijn kinderen vertel kijken ze me aan zoals ik moet hebben gekeken toen mijn oma ooit vertelde over het toilet in vroeger tijden: de ‘poepdoos’. Een houten huisje boven de sloot waarin je je behoefte deed door een gat in een plank. Vooral hartje winter een beproeving, zeker als je vergeten was eerst een gat te hakken in het ijs van de sloot... Terug naar de melkboer. Ik ervaar dat luxe gevoel opnieuw als ik met mijn gezin rond de laptop zit, surfend langs online-aanbiedingen. We winkelen thuis zo wat af. Schoenen, kussens, winterjassen, toners voor de printer, boeken, ‘zware weekboodschappen’; waarom zou je überhaupt nog naar een winkel gaan? Fietsen, openingstijden, regenpakken, hondenpoep, parkeergeld; het is allemaal niet meer nodig. In een paar clicks heb je alles binnen 24 uur thuisbezorgd en wat je niet bevalt stuur je terug in een keurig meegeleverde zak en hoef je niet te betalen. Oke, het nadeel van dit online-circus is dat veel kleinere winkels het loodje leggen. Maar ja, vooruitgang kost wat. We hebben de auto toch ook niet tegengehouden omdat het anders lullig was voor de hoefijzersmeden? Mijn zoon van 15 zei in deze lijn opeens dat ie het eigenlijk heel ouderwets vindt dat je voor een cabaretprogramma ‘nog helemaal’ naar een theater moet. Dat moet je toch vanuit je zitzak kunnen kijken? “Gewoon 1x opnemen en dan online dowloaden voor een euro of 2. En heb je niet genoeg gelachen, dan hoef je niet te betalen. En pap, jij hoeft zo nog maar 1 x per 2 jaar een show te spelen en verder ben je elke avond thuis! Perfect toch? ” Perfect? Verschrikkelijk! Nooit meer geroezemoes voor aanvang, nooit meer veelbetekenende blikken tussen stelletjes bij relatiegrappen of 2 handen die elkaar in het donker zoeken bij een klein liedje. Elke avond thuis… STOP! Dit gaat helemaal de verkeerde kant op. U begrijpt: sinds de suggestie van mijn zoon kopen wij per decreet alles weer gewoon in de winkel. Het meest online wat er bij ons nog inkomt is de melkboer. Misschien zijn we nog nét op tijd. Tot in het theater!
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
28-10-2011
Pepernoten
lees column...
Ik schijf deze column op 20 oktober. Zeg maar twee weken na dierendag. Of het Leids of Alkmaars ontzet. Toch liggen er bij mijn lokale supermarkt al weken pepernoten in het actieschap. Het schap dat vlak bij de kassa u en mij moet verleiden tot last-minute graaiwerk voor weinig. Ik zie zakken met besneeuwde landschapjes vol met Truffelpepernoten, Chocolademixpepernoten, Yoghurtpepernoten en Oudhollandschetaataaipepernoten. Last-minute pepernoten?!? In oktober? Hoe halen ze het in hun Bolletje? Ok, ok, we hebben een dramatische zomer achter de rug en we eten af en toe weer een stamppotje. Maar pepernoten!? Het is overigens een fiks stuk kouder in de supermarkt dan buiten. Toeval of zou het een truc zijn om ons aan die pepernoten te krijgen? Maar het meest verbaasd me nog, dat het me zo verbaasd! Is een pepernoot in mijn ogen zo anders dan een kiwi dat er voor pepernoten wel een ‘natuurlijk seizoen’ zou moeten gelden? Dat is je reinste productdiscriminatie. Al knabbelend op een handje (er staat een gratis proefbakje) neem ik me voor wat dieper in deze taaie materie te duiken. Op de levensmiddelenkrant.nl vind ik een artikel van 24 augustus met de kop “De Pepernoten zijn vroeg dit jaar”. Ze zijn rond die datum voor het eerst gesignaleerd in Groningen... Alsof het hier gaat over een verschijnsel als het eerste kievietsei of Duitse toeristen. In dat zelfde artikel staat ook: “consumenten zijn al jaren verdeeld over de vraag wanneer het geschikte moment is om pepernoten weer te verkopen”. Pardon? De pepernoot verdeeld ons dus? Een korte zoektocht leidt inderdaad naar o.a stopdepepernoot.hyves.nl, @nonopepernoot op twitter, een protestpagina op Facebook en talloze fora voor en tegen de pepernoot. Er wordt vooral getwijfeld aan de (peper)nootzaak vóór de Sint in het land is. Maar er zijn ook gepeperde pleidooien om de pepernoot 12 maanden per jaar vrij te geven. Lees: gedogen. Als dit maatgevend is voor wat er speelt, zou het me niet verbazen als dit onderwerp binnenkort als politiek strooigoed op de agenda van de PVV verschijnt. De pepernoot als culturele splijtzwam! Zelf ben ik er nog niet helemaal uit. Of wel? Ik verheug me namelijk altijd enorm op de komst van asperges, nieuwe haring, mandarijnen en vuurwerk. Het heeft gewoon wel wat dat niet alles, altijd maar verkrijgbaar is. Ik denk dan ook dat ik slechts gematigd pro-pepernoot ben. Eigenlijk gewoon pas de winkel in als de brrr weer in de maand is; novembrrr en decemberrr dus. Of, voor wie dat niet kan onthouden, als het buiten gewoon weer kouder is dan in de supermarkt, in plaats van andersom….
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
21-10-2011
Nestor II
lees column...
Geïnspireerd door Richards mooie column ‘Nestor’, vertel ik u graag ook wat over ‘mijn’ Nestor. Een Nestor zonder het zelf te weten, want de beste man wist tot voor kort helemaal niets van die rol. Ik ontmoette hem pas voor het eerst in mei 2011 in het Nieuwe Luxor Theater. Voor het afscheid van de directeur aldaar was het hele ‘vak’ opgetrommeld en zo ook deze Nestor. Ik imiteerde hem tijdens de soundcheck en dat had hem kennelijk bereikt. Hij zei zomaar ineens tegen me: “Ik hoor dat jij mij treffend imiteert!?”. Ik schrok en stotterde “Ja, maar dat is omdat ik alles van u heb gezien”. En dat was gelijk zo’n beetje het hele gesprek. Naar aanleiding van die stuntelontmoeting schreef ik hem een mail. “Geachte heer De Jonge, Beste Freek, Het was me het dagje wel en dat niet in de laatste plaats door onze ontmoeting. Ik vertelde u dat de imitatie tot stand is gekomen door grondige bestudering van uw oeuvre en daar is geen woord van gelogen. Als jongen van 10 sliep ik met een bandje met uw werk in een cassettespeler onder m’n kussen in. In de beginperiode van Veldhuis & Kemper kwam het onbedoelde effect daarvan naar boven. Want in momenten van onzekerheid op het podium vluchtte ik in een ‘Frekeriaanse’ tongval en motoriek. Als ik even niet meer wist hoe ik zelf cabaretier moet zijn (als daar al een definitie van is) speelde ik maar even de man waarvan ik zeker weet dat ie er een is. Enfin, u hoort het, mijn eigenheid als helft van een duo was even zoeken, maar het zette de ontmoeting met u in een bijzonder spotje. Dank dus voor de onbedoelde rol die u heeft gespeeld bij het mij de rug toekeren van het bedrijfsleven en het (leren) luisteren naar mezelf. En ook al klinkt die stem bij tijd en wijlen nog wel eens als die van de bebrilde cabaretier onder m'n kussen, het wordt wel wat...” Een antwoord kwam, met o.a. een uitnodiging voor zijn huidige voorstelling. Veel recent werk heb ik jammer genoeg niet gezien doordat ik zelf speelde, maar binnenkort ga ik! Sterker nog, als u dit leest, ben ik al geweest. En wat ik er ook van vind, het was grandioos! Want de Nestor aan het werk zien; je neemt er altijd weer wat van mee. En daar is niks mis mee overigens. Picasso zei zelfs ooit: “Je wordt schilder door te beginnen met iemand te imiteren. Dat mislukt dan. En wat je overhoudt dat ben jij”…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
14-10-2011
De Nestor
lees column...
Van de week is Piet Noordijk overleden. Wie? Piet Noordijk; altsaxofonist met internationale faam, Ridder in de Orde van de Nederlandse leeuw, bezitter van een Edison, de jazzprijs ‘Bird’ en de Blijvend Applaus prijs. Ik werd getroffen door zijn overlijden. En hoewel ik een groot jazz liefhebber ben, niet eens zozeer door het verlies van de man zelf maar via Piet Noordijk heb ik een nogal belangrijke levensles geleerd: mensen zijn niet altijd wat je ziet. Het is 1983 en in navolging van mijn opa heb ik de meest suffe hobby die er bestaat voor een jongen van 13: de duivensport. Ik nam het serieus. Ging elke dag langs bij een nestor in de buurt die mij allerlei duivensport-geheimen leerde en ik maar even ‘de Nestor’ noem. Ondanks 40 jaar leeftijdsverschil en het feit dat ik nog op school zat en hij in de ploegendienst bij de Hoogovens werkte, klikte het enorm. Ik woonde er zowat. Een paar jaar later kroop ik echter steeds vaker achter de piano en verloor mijn interesse in de duivensport. Ik zag de Nestor bijna niet meer. Op een dag stond ie in de achtertuin. “Waarom kom je niet meer?” vroeg ie. “Ach Nestor” zei ik “Ik ben nogal aan het pianospelen tegenwoordig en dat is zó leuk, maar ik denk niet dat u het snapt”. Immers, wat wist een nuchtere Heemskerkse duivenmelker in stofjas op klompen nu van jazzmuziek, laat staan van wat je daarbij kan voelen? Hij wees naar de piano en vroeg “Op dat ding?” Zonder het antwoord af te wachten, liep hij ernaar toe, kroop erachter en speelde. Jazz. Snel, swingend, foutloos, virtuoos, ritmisch en goed… ongekend! Ik wist niet wat ik hoorde en riep verbaasd zijn naam. Hij sprong op, riep “Dit moet ik niet doen!” en beende de deur uit. Ik snapte er niks van. Een paar weken later vertelde hij me in zijn duivenhok dat ie in zijn jonge jaren pianist was. Fanatiek. Hij speelde zelfs met Ella Fitzgerald. En met Piet Noordijk. Maar jazz en drank gingen voor hem hand in hand en als ie met het één wilde stoppen, moest ie dat ook met het ander. Vandaar dat ie na de drank geen piano meer had aangeraakt. Tot bij mij dus. Hij vertelde me zijn laatste geheim: “Tegen de liefde voor muziek kan niets op. Zelfs de duivensport niet…” Een advies waar ik nog altijd dankbaar voor ben want ik wist genoeg. Ik stopte met duiven en dook op de piano alsof mijn leven ervan af hing. Op het Journaal was dat Piet Noordijk dood is en ik moest aan de Nestor denken. Hoe zou het met ‘m zijn?
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
07-10-2011
Mening-ites
lees column...
Ik weet het, Meningitis (nekkramp) schrijf je zonder streepje en met een 3 i’s, maar dit gaat dan ook niet over die acute hersenaandoening. Ik heb het over een veel vaker voorkomende volksziekte, Mening-ites: het altijd en overal hebben én spuien van een mening! Twitter, internetfora, ingezonden brieven, columnisten (!), interactieve reactieformulieren, de mening is O-VER-AL! Zelfs toen ik recent via afval.nl een vuilcontainer bestelde werd ik opgeroepen te laten weten wat ik vond!? De ‘vind ik leuk’- en ‘vind ik niet leuk’-knoppen zijn een plaag. Laatst las ik een artikel over “Stoppen met Twitter wegens negatieve reacties” waaronder drie verschillende reactiemogelijkheden stonden!? Ik kan geen hotel uitchecken, geen vlucht boeken en geen vraag meer stellen zonder dat ik daarna een mening moet geven. Maar goed, die bedrijven vragen er tenminste nog om. Da’s de milde vorm zal ik maar zeggen. De Mening-ites die veruit de meeste slachtoffers maakt is de ongevraagde variant. Toen Rob de Nijs bekend maakte op z’n 69ste weer vader te worden kreeg ie een (digi)taal voor z’n kiezen die mij bijna een abortus zou doen overwegen. Uit het reacties op nu.nl op de miskraam van een andere BN-er kon zelfs Jozef Mengele nog nieuwe ideeën voor wat experimenten halen. Ziek. En de tot voor kort relatief onbekende Talitha van Zon is zo goed als overleden aan de gevolgen van Mening-ites. De lijst met voorbeelden is eindeloos. Alles en iedereen die z’n kop, al dan niet vrijwillig, dan ook maar een millimeter boven het maaiveld uitsteekt loopt een zeer groot risico slachtoffer te worden. En daar kan je goed ziek van worden. O.a. Paul de Leeuw, Anouk, en Freek de Jonge, stopten met Twitter wegens Mening-ites. En dáár vond iedereen dan ook weer wat van. Ik onderscheid dan ook twee soorten Mening-ites. Mensen die alleen drager zijn en mensen die er daadwerkelijk (schijt)ziek van worden. Overigens zijn er dragers die er ineens ziek van kunnen worden, maar die zie je vooral op schoolpleinen en in de politiek. Zou de epidemie nog te remmen zijn? Ik denk ‘t niet. Kijkcijferhit The Voice Of Holland toont continue wat de mening van de ‘thuiscoaches’ is en geen krant, site, tv-programma, BN-er, merk of Facebooker lijkt nog zonder te willen. We zijn ‘meningverslaafd’ geraakt denk ik. Aan het geven en het krijgen! Ik ook… vind ik. Had iemand voor dat die 20 miljoen Mexicaansegriepvaccins vernietigd werden nou maar even gecheckt of ze niet toevallig ook tegen Mening-ites werkten. Al betwijfel ik of 1,25 vaccin p.p. wel genoeg is. Maar goed, dat is mijn mening.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
30-09-2011
Pim
lees column...
Nee niet Fortuyn. Pim met blonde krullen. Het zit zo. We schreven een liedje: ‘Blonde Krullen’ . U denkt daarbij misschien aan mijn blonde collega Veldhuis. Logisch; dacht ie zelf ook toen ik met de titel kwam. Maar voor mij kon dat liedje over niemand anders gaan dan mijn eigen blonde zoontje met krullen. Een vrolijk deuntje, een accordeon en een tekst over samen met je kind tijd doorbrengen en dan even alles vergeten. Simpel. Het kwam op CD onder het mom “leuk voor later”. Maar verrek! Opeens stonden er in het theater steeds trotse ouders voor onze neus met foto’s van hun blonde kindjes om te laten signeren. Het liedje ging immers over ‘hun’ kindje… Met dit gegeven leek het ons leuk om een filmpje te maken van al die foto’s bij elkaar en we bedachten het ‘Blonde Krullen Museum’. Mijn zoontje was niet direct enthousiast. “Dat liedje gaat toch alleen over mij Pap?” zei hij niet geheel gespeend van enig middelpuntsyndroom (maar dat mag op die leeftijd). “Tuurlijk” loog ik om ervan af te zijn. Hij knikte, maar meer omdat Spongebob begon en hij het gesprek dus als klaar beschouwde. Onze digitale brievenbus ging open en we wisten niet wat ons overkwam. We werden overstelpt met mooie, lieve, grappige plaatjes. En eerlijk is eerlijk, soms dachten we “zelfs ouderliefde is blind want óók deze ouders vinden hun kindje de mooiste van de wereld…” De pleidooien voor een plekje in de clip waren vurig. De een lag zover voor dat ze in Groep 1 al onze teksten in het Chinees kon proclameren en de ander kon met z’n ogen dicht onze liedjes achterstevoren op de piano spelen. U begrijpt we hebben ons rotgelachen. Totdat we lazen: “Onze blonde krullenbol Pim is juli 2010 helaas overleden, hij werd 10 jaar. Met deze foto kunnen we nog laten zien hoe mooi zijn blonde krullen zijn. Het zou voor ons een hele eer zijn als die in de clip te zien is ”. Zit je dan met je vrolijke deuntje. En je grapjes. En een paar duizend plaatjes van lachende, vrolijke, levenslustige krullenbolletjes voor je snufferd. Opeens ging ‘Blonde Krullen’ niet meer over alleen mijn eigen zoontje en dat snapte hijzelf gelukkig ook heel snel. En het ging al helemaal niet meer over “even alles vergeten”. Integendeel. Pim heeft een mooi plekje in ons filmpje gekregen. Zijn ouders zijn trots en ik stil. Weekendtip: geniet van uw kinderen.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
23-09-2011
Hamsteren
lees column...
Ik ga m’n lokale AH in. Bij de ingang wordt ik als altijd vriendelijk begroet door de daklozenkrantverkoper. Op de terugweg maar even, anders loop ik er zo mee door de supermarkt denk ik. Eerste stop: tomaten. Trostomaten, vleestomaten, cherry, roma, gewone, en van allemaal de biologische variant. Jemig, ik wil gewoon een tomaat. Op naar de chips. Oven-baked of in olijfolie, gewoon of in 11 smaakvarianten. Maar ook light, geribbeld, in zakken, in kokers, ambachtelijk of Excellent. Kanonne, ik zoek gewoon chips. Oh, bijna pak melk vergeten. Bio? Halfvol, een pak van 0,5 of 1 of 1,5 of 2 liter. Van een molen (?) of van het Boerenland, met alleen een plastic draaidopje of uit een plastic kan. Koeie genade, ik kies maar wat. Bij het brood? Where to begin! Vleeswaren? Hoeveel soorten krijg je überhaupt uit zo’n bil. Ontbijtkoek? Echt waar, 11 varianten! Eieren? Mais, vrije uitloop, in de wei, grasei, bio, met “blije kip garantie” (serieus!). Allemaal van de kip, dat dan weer wel. Pfff, ik word een beetje duizelig. De tv-gids ligt er in 6 varianten en om te roddelen kan ik kiezen uit 5 aantrekkelijke titels. Om mijn dochter alles te leren over ‘super lekkere hunks’, ‘vet coole make-up’ en ‘tongzoenen doe je zo’ is er ook meer dan genoeg. Ineens moet ik aan minister De Jager denken, die afgelopen dinsdag als een soort weerman(netje) van het KNMI een weeralarm afgaf. “Er is storm op komst” en “Hoe erg het wordt, dat weet niemand!”. Van zijn woorden krijg ik de nijging te gaan hamsteren, en dat treft! Laten het er nou net de weken voor zijn. Van de 15 soorte deodorant krijg ik er 2 + 2 gratis! Datzelfde geldt voor ik weet niet hoeveel andere primaire levensbehoeftes. WC-blokjes, vaatwastabletten, conditioner en wasverzachter, er komt geen einde aan. Dan weer de woorden van De Jager, “Hoe erg het wordt, weet niemand”. Per ongeluk denk ik even aan mijn grootouders. Jappenkampen, hongerwinter, bloembollen eten. En dat in maar 1 variant! Ik neem me voor; die daklozenkrantverkoper krijgt straks 5 euro. Kan ie een beetje een buffer opbouwen. Als ik de rijen met uitpuilende hamsterkarren door ben, sta ik bij de krantverkoper. Hij staat te bellen en gebaart me “Joh, doe volgende keer maar”. Ook goed. Ja mensen het wordt vast erg, heel erg. Maar ik krijg ook sterk de indruk dat we wel wat kunnen hebben. En bovendien zal net als bij de laatste 15 weeralarmen van het KNMI de soep, in welke van de 43 te hamsteren varianten dan ook, vast niet zo heet gegeten worden...
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
16-09-2011
Cheese!
lees column...
524 foto’s heb ik in het mapje “Giekenland 2011” op mijn computer. Mijn vrouw heeft er 239 op haar telefoon. De oudste 2 zijn goed voor 71 en 62. Samen 826 foto’s in 14 dagen; 64 foto’s per etmaal. Met 16 uur wakker per dag dus 4 foto’s per uur; 1 per kwartier. Dat is geen vakantie, dat is werk! Maar het is ook zo mooi en makkelijk met die hightech telefoons met camera’s van een kwaliteit waar ze 5 jaar geleden in de betere fotovakzaak slechts van konden dromen. Het lijkt een eeuwigheid geleden dat je vooraf rolletjes ging kopen. Iets met ASA en 200. Nu lijkt dat een héél gedoe. Rolletjes kopen, in buisjes bewaren (geen licht erbij!), rolletje erin leggen “Koppen dicht! Dit luistert even heel nauw”, zuinig je fotomoment kiezen want je hebt er maar een paar, naar de fotozaak, “woensdag zijn ze klaar”, ophalen, “Deze hoeft u niet te nemen hoor, die is mislukt”, “Eehh nee, da’s mijn vrouw die net wakker is”, fotoboek kopen, inplakken, tekstjes erbij schrijven, pfff. Nam je 3 rolletjes van 24, nou dan kon je echt he-le-maal los. Nu knal je die 72 foto’s er in iets meer dan 24 uur met gemak doorheen. Elke gekke bek, doodgetrapte tor of geschminkte peuter schieten we minimaal 5 keer. Omdat het gratis is, want het schijnt dat alleen Nederlanders dat doen. Allemaal onder de noemer “nog eentje voor de zekerheid”. Hoezo? Vroeger hield je misschien je vinger ervoor of was er iets niet goed gegaan bij het verwisselen van het rolletje met al die pinnetjes en omklapijzertjes. Maar nu kan je meteen zien wat je hebt gemaakt dus hoezo “voor de zekerheid”? En ja, we nemen ons allemaal voor om daar straks eens rustig voor te gaan zitten, alleen de mooiste van de dubbele over te houden, daar via internet een mooi boek van te maken met lay-out en teksten en meteen een back-up te maken want stel je voor... Eigenlijk nog meer gedoe dan rolletjes. Want ik weet niet hoe het u vergaat, maar ik ben bij 2001. Resultaat: de computer als vergaarbak van 10 jaar eindeloze rijen dubbele foto’s die je nooit meer doorklikt. Ja er staan er een paar op het onvermijdelijke digitale fotolijstje. Maar die is stuk. Dus kijk ik maar weer ‘s naar de ingelijste zwart wit gezinsfoto uit 2000. Wat zagen we er toen eigenlijk goed uit!
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
09-09-2011
9/11
lees column...
Ik weet precies waar ik was. Ook al is het dit weekend al weer 10 jaar geleden. Ik werkte als televisieprogrammaontwikkelaar (zo heette dat echt) en ik zat in een presentatie bij de toenmalige baas van een grote commerciële Televisiezender. Ik laat even in het midden wie, maar laten we zeggen dat het een idool voor me was. Huizenhoog kijk ik naar de man op. We worden gestoord door de telefoon op zijn bureau. “Er is een sportvliegtuigje tegen het WTC in Amsterdam gevlogen. Effe kijken!”. Hij klinkt bijna enthousiast en de mega-tv wordt aangezet. We zien allebei gelijk dat het niet om Amsterdam gaat, en ook niet om een sportvliegtuigje. We staren naar de gehavende toren. Dit moet duizenden slachtoffers gaan maken. Dikke rook, vlammen, enfin u kent de beelden. Terwijl ik staar komt er rechts iets het beeld invliegen. Ik ben zo in de war van wat ik zie dat ik niet doorheb dat het om de tweede toren gaat. Ik denk dat het om een ‘herhaling’ gaat. De TV baas helpt me uit de droom: “Jezus, dit is wel een cadeautje voor ze zeg. Dit gaat voor een vermogen de wereld over. Dit is pas televisie!” Met ‘ze’ bedoelt hij CNN en hij is opgetogen. Z’n ogen glinsteren en onze afspraak is voorbij, want hij moet “effe knallen”. Totaal in de war van de omvang van deze hel stap ik in de auto naar m’n volgende afspraak. Onderweg zet ik m’n auto in de berm omdat ik even niet kan rijden. “Dit is pas televisie!!!” giert de stem van mijn idool door m’n hoofd.... M’n volgende afspraak is met Richard (Kemper) bij een impresario. Een man die ons, een volstrekt onbekend nietszeggend duo’tje wel in het theater wil vertegenwoordigen. Verdienkans 0 komma 0 maar hij geniet zo van onze “ongebruikelijk achtergrond en insteek”. Pim heet ie, verder weet ik niet veel van hem. Ik kom binnen in zijn kantoor in Amsterdam. Richard is er al en zit met Pim voor een televisie. Ze kijken allebei op. Richard heeft rode ogen en die Pim heeft tranen op z’n wangen. Zijn exacte woorden kan ik me niet meer herinneren maar ze zijn rustig, wijs en met een heel groot hart voor het leed dat zich ‘live’ ontvouwt. Daar op dat moment, in de fractie van een seconde dat ik even los ben van het allesomvattende drama van die dag, weet ik het zeker: ik ga weg uit de televisie. Het was 11 september, de dag dat de wereld van toon veranderde. En ik van idool…
Met de groeten van Kemper, Remco Veldhuis
sluit column...
02-09-2011
Gezellig!
lees column...
Als u dit weekend bij een bevriend stel gaat eten wijs ik u graag nog even op een klassieker; daar ruzie met je partner krijgen. Het is net als bij de meeste musicals; vreselijk om mee te maken maar soms niet te vermijden. Als je zelf het ruziënde stel bent word je zo opgeslokt door je gelijk dat het tenenkrommende van de situatie je grotendeels ontgaat. In die positie zitten wij meestal. Mijn vrouw heeft er namelijk geen enkel probleem mee om een sluimerend conflictje eens even lekker ‘open te gooien’ in de neutrale gevechtszone van bevriende stelletjes. Vlak na binnenkomst wordt, hangend aan de onvermijdelijke bar, het onderwerp meteen al even aangestipt. Laten we zeggen: wie staat het vaakst vroeg op voor de kleine. De gastvrouw wil bijschenken en voordat de fles mijn glas raakt hoor ik op links al “klein beetje hoor, hij moet er morgen vroeg uit”. Bijna knap hoe één zin zoveel ongemak teweeg kan brengen. De gastvrouw weet niet wat te doen. Schenkt ze door, dan valt ze haar vriendin af, stopt ze, dan kiest ze te voorspelbaar voor de vrouw. Ze zet de fles dus in ’t midden, zegt pijnlijk lachend “nou hier ga ik niet tussen zitten hoor” en draait zich snel om, om iets belangrijks te doen met zeewier. Mijn vrouw kijkt naar mij met een blik van “hier hebben we het over gehad” terwijl ik denk “hier hebben we het helemaal niet over gehad!” De gastheer gaat zenuwachtig naast zijn vrouw staan om iets oranjes (waarvan hij zelf overduidelijk ook niet weet wat het is) op de zeewier te leggen. Door z’n rug heen voel ik zijn ogen prikken: “zit jij net zo onder de plak als ik?” En dan, in een flits, alsof mijn hand zelfstandig beslist, pak ik de fles, knal mijn glas vol en neem een flinke slok. Mijn vrouw zucht, neemt de sigaret aan die de gastvrouw blijkbaar al in de aanslag had en de gastheer wil me opeens per se z’n nieuwe tuinhuisje laten zien. Deze avond komt niet meer goed, dat weet iedereen. Ik zal het op een zuipen zetten, zij alleen nog met haar praten, wij mannen te hard muziek opzetten en zij zal wegscheuren als ik volgens haar te close afscheid neem van haar vriendin. Ik zal fluitend naar huis lopen om de volgende ochtend uit protest als eerste op te staan om met de kleine op schoot voor Nickelodeon weer in slaap te vallen. Ik zal het stelletje sms-en “Was super, moeten we vaker doen!” En geen reactie krijgen. Tot slot zullen we ons voornemen nooit meer ruzie te maken bij anderen. Zoals elk weekend.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
26-08-2011
Z.g.a.n.
lees column...
Z.g.a.n.
De Dam tot Damloop komt er weer aan. Voor de leken; een amateurhardloopgebeuren (leuk galgwoordje) van Amsterdam naar Zaandam. Of ik weer meedoe? Mmmm, ik weet het niet. Zo ging het vorige keer: Zevenenveertigduizendnogwat is m’n startnummer. Mooi, dat geeft me lekker veel tijd om te stretchen. Alles klopt, m'n schoenen, m'n shirt, m'n broek, sokken, m'n bidongordel. Allemaal nagelnieuw! De te kloppen tijd: 1 uur en 27 minuten. M'n beste training op deze afstand. Zelf bazuin ik, voor wie het maar wil horen, rond dat alles omstreeks 1 uur 25 al heel mooi zou zijn, maar ik ben bewust vals bescheiden. 1 uur 22 ga ik lachend redden! Het startschot valt, en ik ben weg. En niet zo'n klein beetje ook zeg. Maar na 5 minuten zit ik al op een hartslag die ik pas over een uur moet bereiken en nog een half uur verder heb ik een blaar ter grote van een pingpongbal op links en een stekende pijn in m'n borst op rechts. Was het andersom dan was ik er niet meer geweest! M'n schoenen zijn te warm, m'n broek te strak, m'n shirt te synthetisch, en het water uit m'n gordel smaakt naar polypropyleen. Nog 2400 meter en het zit er op. Nog 1700, nog 1200, nog 700, nog... Dan is het ineens muisstil om me heen, niemand praat of beweegt. Behalve ik. Ik ren, nou ja dribbel, nou ja strompel onder een grote opblaaspoort door. Twee piepjes bevestigen dat ook de mensen van Nike de chip in mijn schoen hebben ontdekt en dat ik nu toch echt officieel gefinisht ben. 16 duizend 90 meter heb ik er op zitten. En die voel ik. Alsof Gordon op m'n rug is gesprongen en daar niet van plan is binnenkort af te gaan. Ik kijk op mijn horloge... dit kan niet: 1 uur en 38 minuten!? Dat is de tijd die het mij gekost heeft om van Amsterdam naar Zaandam te rennen. Ofwel 9 minuten per trein, 18 minuten per auto en nu dus 98 minuten te voet!? Tot zover mijn hardloopcarriere! Ja zeg, van zo'n deuk in mijn ego kan ik er maar één hebben. 1 uur en 38 minuten!? Het is goed zo. Vier avonden in de week 1 uur en 45 minuten op een podium heen en weer rennen is genoeg voor deze jongen. Voor alle overige afstanden pak gewoon weer de trein of de auto. Daarom bij deze te koop aangeboden; polyester harloopshirt, hardloopschoenen mt 43, sportbroek, een bidongordel van polypropeen en een flink gedeukte ego. Alles z.g.a.n...
Met de groeten van Kemper, Remco Veldhuis
sluit column...
19-08-2011
Afvallen
lees column...
‘Normale’ mensen doen het na nieuwjaar. Als compensatie voor Taaipop, pepernoot, kalkoen en oliebol. Bepaalde types beginnen er pas rond maart aan in de hoop wat kilo’s kwijt te raken voor de zomer. ‘Wij’ cabaretiers doen het op een ander moment, dat afvallen. Wij spelen van september t/m mei en dat is meestal net genoeg om de extra kilo’s van restaurants, drank en onregelmatig leven op afstand te houden. Maar dan komt juni… Dan gebeurt er iets afschuwelijks met ons. Een dag of 14 na de laatste voorstelling ontploffen we! Oké, laat ik voor mezelf spreken: ik ontplof! Van 88 naar 98 kilo is eerder regel dan uitzondering. Elk jaar moet ik daarom begin augustus aan de bak om begin september in mijn speelkleding te passen. Wat ik al niet aan diëten heb gevolgd. Van Atkins tot Cambridge, van Sonja tot South Beach. Van Eiwit- tot EGA-methode. Niet te verwarren met míjn Ega-methode, die er slechts op neerkomt dat mijn ega gewoon heel vaak zegt dat ze me dik vindt. Van artisjokdrankjes tot stoeptegelrepen, ik heb alles geprobeerd. De resultaten? Wat ik afviel bleef onopgemerkt doordat ik wegens een extreem opgeblazen winderigheid alleen maar nóg dikker leek. Naar het toilet gaan klonk als een drum intro van Phill Collins of ik kreeg ineens het libido van een gecastreerde bejaarde. Ik raakte straalbezopen van een Shandy of werd Bert Visscher-ig van één kop koffie. Ik rook permaent uit m’n giechel en werd agressief of lusteloos of allebei tegelijk. Lastig! Ik zag sterretjes op klaarlichte dag of zag op straat een oud dametje aan voor een Magnum wat dan pas na 2 likken tot me doordrong. Dramatisch! Dit jaar heb ik de bodem geraakt van mijn gediëet door klakkeloos wat highlights over te nemen van het Four Hour Body dieet van m’n buurman. Dat vervolgens anderhalve week halfslachtig vol te houden en me toen onder het uitroepen “ik kan dit verdomme gewoon niet” te storten op Paëlla, Churos, ijs en Sangria aan een of andere Spaanse Costa. Draai de S en de T om en u weet hoe ik me voelde... En het stomme is, het komt elk jaar weer goed. Ergens rond eind oktober zit alles weer redelijk en zorgt de routine van 4 x per week 1 uur en 45 minuten op een toneel staan ervoor dat ik iets van vorm hou. Ik moet me er dan ook maar bij neerleggen: alles aan mij zal altijd wel een beetje dikkig blijven. Behalve een ding dan. Want dat is echt als zo lang ik mij kan herinneren dun… m’n ruggegraat.
Met de groeten van Kemper, Remco Veldhuis
sluit column...
12-08-2011
Schone Lei
lees column...
Ik ben weer thuis. En voor iedereen die zich afvraagt hoe het in Griekenland was; het ligt er nog. Europese leiders spoeden zich dagelijks naar vergaderingen om het land te redden, helpdeks van pensioenfondsen in Nederland raken oververhit van het aantal vragen over de toekomst, gezinnen trekken de tuin in om de restjes gouden ringen in hun modieuze buitenhaarden om te smelten tot een waardevast ‘potje’. Kortom: iedereen maakt zich druk om de toekomst van Griekenland, behalve de Grieken zelf. Ik had mensen verwacht die me zomaar midden op straat zouden vastklampen, een hand zouden geven en “thank you for the money” zouden prevelen. Niets is minder waar. Het enige wat ik gemerkt heb, is dat de taxi’s vanwege een staking een paar dagen geen brood op de plank hadden, maar als je naar de omvang van de gemiddelde taxichauffeur kijkt, had dat ook een advies van hun diëtiste kunnen zijn. De Grieken zijn aardig en relaxed. Een beetje zitten op een terras. Een beetje hangen op hun balkonnetje. Nog eens een rondje met de bepakte ezel omdat… ja waarom eigenlijk? Winkels liggen overvol, benzinepompen spuwen volop het zwarte goud uit. Zo ronddolend in een bomvolle Zara tijdens het verplichte middagje shoppen kreeg ik het gevoel dat de paniek over Griekenland niet meer dan een luchtspook is. En die over Italië, Spanje, Ierland, Portugal en de VS ook. We maken onszelf gek door een paar cijfers op papier met een minteken ervoor. Feitelijk is er niets aan de hand. Ja strikt genomen kunnen we het geld dat we aan Griekenland hebben geleend niet meer terugkrijgen. Maar goed dat geld was toch al niet van ons omdat we het zelf ook hebben geleend van een ander land, dat het ook weer leende, dat het ook weer leende etc. Een eindeloze keten waarvan niemand nog weet waar het begin is, laat staan het eind. Een soort zakdoekje leggen voor mannen in pakken waarvan eigenlijk niemand verkouden is. Nu ben ik geen econoom maar als we nou eens in één keer een hele grote streep trekken door al die cijfertjes in elkaars boeken? In één keer schoon schip. Het enige dat verandert is dat alle cijfertjes met een minteken ervoor in alle boeken veranderen in nul. Niemand eet er een Snicker, wortel of kauwgompje minder om. Kunnen al die dure vergaderingen eindelijk gaan over de enige 3 cijfers op papier waar het nu even echt om gaat: 555.
Met de groeten van Veldhuis, Richard Kemper
sluit column...
05-08-2011
Scheiden
lees column...
Als u dit leest, lig ik ergens in Griekenland op een bedje aan het strand. Althans dat hoop ik, want de kans is groter dat ik ergens voor een bank midden in een stenengooiende menigte sta omdat niemand nog kan pinnen. Tja, een half jaar geleden klonk Griekenland nog leuk. Ach, ook dan kom ik heus wel weer thuis. De vraag is alleen: met wie? Op vakantie sneuvelen de meeste relaties, dat weet iedereen. Als ik aan stelletjes vraag of ‘ze nog weg gaan’ komt er eerst een diepe zucht en dan een moedeloos ‘tja… ’. Op Schiphol zie je vaders en zoontjes uitgelaten dollen met bagagekarretjes met dezelfde Ernst & Bobby pet op. Lekker gek. De moeders lopen er gedwee achteraan met blik van “ja, ja nu is het nog leuk”. We zijn wat vakantie betreft een raar volkje. Het hele jaar rennen we door volle werkagenda’s, sportclubjes en eet-afspraken langs elkaar heen naar pretpark, tuincentrum en wasstraat om dan vanuit het niets totaal onvoorbereid ineens 2 weken bovenop elkaars lip te zitten. We kijken er het hele jaar naar uit, dus het kan alleen maar tegenvallen. Opeens is er tijd. U zegt ‘voor elkaar’. Ik zeg: om je te irriteren! Aan al die dingen die je in de dagelijkse ratrace niet opvallen. “Kauwt ie nou op z’n appelmoes?”, “Waarom ben ik eigenlijk de enige die de kinderen 3x per dag insmeert?”, “Jongens zullen we proberen het hier op 12 vierkante meter niet net zo’n teringbende maken als thuis?”. Om nog maar te zwijgen van de dingen waarmee je opeens geconfronteerd wordt, simpelweg omdat ze op vakantie kunnen. “Oh my God, ze wil meedoen aan de ‘tolles clubtanz!’”, “Man, het waterpolo-tournooi is voor de kleintjes, je gaat erin als een gefrustreerde Duitser met een drankverbod”, “Ehhh… ik wil niet veel zeggen maar met die strak ingevlochten Antilliaanse vlechtjes zie je eruit als een poolse clown in opleiding die halverwege het omkleden van de kaptafel is weggerukt… schat”. Gezellig. Ik maak me trouwens geen zorgen. De theaters zijn in de zomer dicht, dus ik thuis en wij hebben de grootste irritaties gehad en zitten samen alweer lekker in ons vel. (Beetje veel vel de laatste tijd maar à la.) Ik heb zelfs wel zin in een beetje rondtrekken. Al weet ik nu al dat als u mij straks vraagt wat de mooiste reis was, ik zal zeggen: de terugreis! Als u nog moet: fijne vakantie!
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
29-07-2011
Splash!
lees column...
Ik ben een dierenvriend. Ik eet (nog wel) vlees en vis maar daarbuiten maak ik er ‘beleid’ van er zo min mogelijk te doden. Door slalommend te rijden of meter voor meter bukkend voor m’n auto uit te lopen tijdens de paddentrek. Of met gevaar voor eigen achterwerk de provinciale weg stil te leggen om een eend met 7 pulletjes over te laten steken. Die dan overigens vaak je goede bedoelingen niet ziet en ik er zo alsnog 4 de dood in jaag, maar dat terzijde. Of neem de jaarlijks terugkerende jonge kikkertjes in m’n gras. Voor het maaien pluk ik ze als m’n dochters rozijntjes uit ‘t hoogpolig tapijt handmatig uit het gras om te voorkomen dat ik kikkerjam maak. En nu op vakantie ben ik ook weer hele dagen zoet met het redden van wespen, vliegen, spinnen en weet ik al niet meer voor een geleedpotigen uit het zwembad. Ik laat ze op m’n hand klimmen, leg ze op een zonnig plekje en hou hun herstel nauwgezet in de gaten. Indien nodig reanimeer ik ze, geef ze mond op mond beademing en leg ze in de stabiele zijligging. En ook al vliegt een motje dat net de kracht weer heeft vaak regelrecht de plomp weer in, ik haal het er net zo vaak weer uit. Ik doe dat allemaal niet om erelid van de Partij v/d Dieren te worden hoor, noch solliciteer ik naar de functie van Animal Cop, noch wil ik met Marianne Thiemen naar bed. Nee, ik kan het gewoon niet aanzien dat ze liggen te verzuipen in onze chloor- en urinebaden. Ik hoor ze bijna letterlijk schreeuwen om mijn hulp. Ik was dan ook even goed van m’n stuk toen ik recent de resultaten van het onderzoek van splashteller.nl las. Deze site vraagt automobilisten dode insecten op hun nummerbord te tellen. Landelijk gezien gemiddeld 5 per automobilist per 10 kilometer, oftwel 1600 miljard per jaar! Ik moest er even bij gaan zitten. Ik ben op vakantie en heb in 3 weken al ongeveer 2450 kilometer gereden. Alleen mijn nummerbord is dus al goed voor 1225 ‘verkeersdoden’. Mijn auto heeft recht van voren grofweg de oppervlakte van 40 nummerborden. Dat zijn 49.000 doden. Als ik daar het front van m’n huurcaravan bij optel, gecorrigeerd met de gedeeltelijke afscherming door m’n auto zit ik zomaar op 68.000 doden. Ik denk dat ik er uit de diverse Franse zwembaden tot nu toe maximaal 50 heb kunnen redden. Nou lekker dan. Misschien moet ik er dan ook maar mee ophouden; m’n eigen splashteller bij gaan houden. Daar komt ie: “Bommetje!” SPLASH!!! Mooi, dat is 1.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
22-07-2011
Mannenclubjes
lees column...
Van de week was ik met een groepje mannen aan het eten bij ons lokale eetcafe. Ik ben geen fan van mannenclubjes. Ik krijg er altijd een enorm zaalvoetbal-gevoel bij. Mannen die huiselijk geweld - lees: de geluidsfrequentie van schreeuwende kinderen en sleetsheid van zeurende vrouwen over biobak, oudergesprekjes of relatieproblemen van vriendinnen - ontvluchten met “In Godsnaam één avondje voor mezelf!”. Of het nu bij de Lions, de duivenclub of het veteranenelftal is, het resultaat is altijd hetzelfde. Te harde schouderkloppen en platte grappen. “He jongens, door welk soort voedsel verliezen vrouwen 95% van hun sexualiteit? Bruidstaart!”… “He Rich, stap ik in Nice in het vliegtuig, zie ik 2 vrouwelijke piloten in de cockpit zitten. Dus ik roep naar binnen: Nou dames, gelukkig hoeven jullie niet in te parkeren!”. Haha... au. Ik had het als kind al. Verder dan E5 bij voetbalclub ADO20 uit Heemskerk kwam ik niet. Het waren de kleedkamertaferelen die me nekte. Het elkaar net zo lang met een handdoek op elkaars billen slaan tot er rode plekken zaten en dan vergelijken; ik heb het nooit begrepen. Ballet bleek de uitkomst. Weet u meteen hoe ik me in het gemiddelde mannengroepje voel. Maar eerlijk is eerlijk, het groepje vaders dat ik nu eens per maand in ons eetcafe tref past zó totaal niet bij elkaar dat het weer grappig is. Bovendien levert zo’n avond steevast een paar verhalen op die zo waar gebeurd zijn dat toch niemand het gelooft, dus het is eigenlijk gewoon werk. Nu ging het over de crisis. De grote klap gaat nog komen, zei de econoom op dreigende toon. “Alles in goud stoppen, nu!” “Goud?” riep de ander. “Nee man, stenen!”. “Stenen? Je lijkt wel gek” wist de rest. Zelfs je eigen huis houden is het domste wat je nu kan doen. “Onmiddellijk verkopen, 2 jaar huren, wachten tot alles 30% zakt (2013) en dan terugkopen”. Ik probeerde nog: “Investeren in een cabaretduo?”. Massale hoon viel me ten deel. “Kansloos! Denk jij dat er over 2 jaar nog iemand naar het theater gaat?” Nu werd het ongemakkelijk. Uiteindelijk hadden ze de ultieme tip om te overleven: “Grond”. Nu ben ik niet dom, dus de volgende dag ben ik meteen naar de Intratuin gereden en heb alle zakken potgrond die er nog lagen gekocht. Ik zit safe! Ik laat het mannengroepje verder trouwens voor wat het is. Al heb ik volgende week wel weer een afspraak in het eetcafé. Met de vrouwen.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
15-07-2011
St. Tropez
lees column...
Hoe het kan weet ik niet maar bij de exclusieve strandtent Club 55 in St. Tropez hebben ze gehoord dat ik in het achtergelegen hotel verblijf en nu word ik verwacht voor een VIP-dag, met gezin, gratis! Huh? Als ik me de volgende dag meld komen twee prachtige vrouwen ons tegemoet. “Monsieur Fel-du-ies?”. Ik grap terug “Oui anders!?” en de twee moeten giechelen. Dit wordt een topdag! Ik mag mee voor een massage en vrouw en kind worden begeleid naar een hemelbed met een rijk gevulde champagnecooler. Mijn beeldschone begeleidster blijkt ook de masseuse... Ja, eigenlijk afgestudeerd manueel therapeut, maar naast haar modellenwerk vind ze dit gewoon “drôle”. Lichamelijk contact is “une hobby” en ze zegt schalks dat ik er mag zijn. Ze houdt wel van een klein buikje! Terwijl ze mijn pijnlijke rug betast fluistert ze dat het haar “tres cool” lijkt om vanavond samen met de andere begeleidster bij mij in bed te kruipen. Sorry!? “Hé hé, je suis marrié, je suis pas Martijn Krabbé” grap ik maar. Toch geeft ze haar nummer, mocht ik me bedenken. Wauw… Na de massage voeg ik me bij vrouw en dochtertje die aan diverse lekkernijen liggen te knabbelen. Ik krijg de kaart en mag “tout” bestellen. Een fles water? 45 euro! Een glas witte wijn? 39 euro! Maar wat zal ik me druk maken, “je suis un VIP et la masseuse veut une wip”, het leven is even mooi… heel mooi! Op het loungebed naast ons blijkt mijn idool Tom Hanks met vrouw te liggen. Tom Hanks op 5 meter van mijn bed! Hij kijkt mijn kant op en groet. “Mr. Feldju-ies right?” Heeft ie het nou tegen mij? Hij lacht, “It’s on the sign on your bed!”. Ik blijf eerst steken in een soort hysterisch giecheltje maar grap dan terug; “…and you are?”. Tom lacht. Om mij!!! Dan staat ie met glas in de hand op en komt mijn kant op. Hij gaat aan mijn voeteneind staan en zegt: “Remco! Co!” en gooit de inhoud van het glas in mijn gezicht… Wat!? Ik schrik wakker: “Het giet! Nu helpen alles onder de luifel zetten!” snauwt vrouw. Ik kijk om me heen, ik lig op een luchtbed met drie lekke compartimenten (vandaar die rug), dochter zit bloot in een afwasteiltje te krijsen omdat haar voetje vastzit in een gietertje en er drijft een keutel in haar water. Mijn vrouw sist “schiet nou op met je luie pens!”. Ah, ik ben weer terug op een camping in Orpierre, op een lek luchtbed, voor mijn gehuurde caravan… Ach ja, het leven is mooi. Zeker met je ogen dicht.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
08-07-2011
Weer
lees column...
Afgelopen week waande ik me in tropische oorden. De zon scheen alsof haar leven ervan af hing, het gras verschoot knalgeel en mijn zoontje (5) zei over de pedagogisch verantwoorde zelfgekweekte zonnebloemen die er opeens uit zagen of ze tot 6 uur in de kroeg hadden gehangen “nu zijn het regenbloemen”. Kortom: strand! We sprongen - zoals we in Bloemendaal zeggen ‘bekakt en bezakt’ - op de fiets. Zoontje ingesmeerd met factor 50, rode pet op, nijntjevormpjes mee en papa met de altijd fashionable afritsbroek. We gingen lekker, waren op de 10 minuten richting strand nog maar 6 keer gestopt (“kijk pap een steen”) dus voor het eten zouden we dat strand wel halen. Halverwege werden we afgesneden door een ‘moeder van school’ in te grote auto. Het geblindeerde raampje zoefde open en ze gilde: “Waar zijn jullie in godsnaam mee bezig?!”. “Eehhh, naar het strand?” murmelde ik, me stilletjes afvragend of er misschien nog wat wc papier uit mijn broek hing. “Jullie zijn gek, het gaat zo stortregenen!”. Om haar waarschuwing kracht bij te zetten zwaaide ze driftig met haar mobiele telefoon. Ik zag op buienrader een dreigende zwarte veeg boven de kust. Ik keek omhoog; strakblauw. Als een auto op vlucht voor de orkaan in ‘Twister’ scheurde ze naar veiliger oorden. Het weer... ik heb die fascinatie niet zo. Elke avond verbaas ik me over de tijd die zenders vrijmaken voor wat voor weer het vandaag geweest is, de vrolijke kijkersfoto’s (“en dat levert prachtige plaatjes op want zo ziet regen er in Veenendaal uit”), het wonderlijke fenomeen van ‘dauwmist’ in Letland en de spannende intonatie bij het wijzen naar een ‘krul’ boven de Noordzee. Om nog maar te zwijgen van de woorden ‘weeralarm’ en ‘zonkracht’. Om in termen van de klimaatverandering te spreken: het weer is hot. Overal mensen die op I-pads, computers en app’s het weer van minuut tot minuut volgen. Het lijkt wel of we denken dat als we er maar genoeg induiken we er ook enige invloed op hebben. Terwijl het weer nog een van de echt weinige dingen is die we niet zelf kunnen ‘plannen’, ‘kortsluiten’ of ‘uitzetten’. Het kan ons alleen maar overkomen. Misschien had Epictetus (400 v Chr.) het dus wel gewoon over het weer toen ie zei: “We moeten niet verlangen dat de dingen gebeuren zoals we willen, we moeten de dingen willen zoals ze gebeuren”. Daarom zijn we natuurlijk gewoon lekker doorgefietst en hebben we het mooiste kasteel ooit gebouwd. In de regen, dat wel. Heerlijk.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
01-07-2011
Carafan!
lees column...
Sinds mijn vakantieplannen voor dit jaar vaste vorm hebben is me geregeld iets overkomen wat me nog nooit is overkomen; ‘men’ vindt er wat van. Toen ik vorig jaar een zeiljacht huurde in Griekenland kreeg ik de duimen nog omhoog, maar nu… Ze kijken me aan met een blik die een dakloze krijgt als ie mobiel staat te bellen. Of die een vrouw van 23 aan de arm van een vadsige ouwe bok kan verwachten. Een mix van verbazing en afkeuring. Ik belde mijn verzekeringsman om te checken of e.e.a. onder mijn reisverzekering valt en die moest zelfs proesten. Dan moet het wel heel erg zijn wat ik ga doen toch? Mag u raden. Ga ik op ‘leuke-jonge-jongens-vakantie’ naar Thailand? Ga ik chimpansees afknallen in Oeganda? Ga ik m’n darmen laten stofzuigen door Patty Brard op Ibiza? Een zeehondjes-doodknuppel experience? Op Facelift-liposuctiereis? Nee, nee, nee… Erger: ik heb een caravan gehuurd. Ja een caravan dus, een sleurhut, een trekstek. Het vaakst gehoord zijn de reacties “je maakt een grap” en “je bedoelt een camper hoop ik!?”. Want een camper huren is namelijk avontuurlijk, jong en Boheems, maar laat je die lelijke Ford Transit of Fiat Ducato met holladiejee bekleding die er aan vast zit weg en neem je je eigen auto, zodat als alles uitgestald is en waterpas staat je de boel niet weer hoeft op te breken en vast te sjorren als je lekker uit eten wilt in dat leuke dorpje 10 minuten verderop, dan kan het ineens niet!?! Dan is het ineens proestens-waardig! Ik snap het niet. Oke, mijn vader was een van de laatste tentontwerpers van dit land (Rob Veldhuis van de Carl Denig tenten) en die draait zich mogelijk om in z’n urn als ie dit hoort, maar van de rest van die mensen om me heen snap ik het gewoon niet. Voor iedereen die net als ik kierewiet wordt van 3 weken op 1 plek zitten is het toch geweldig! Net als met dat jacht ben ik mobiel, ik hoeft niet steeds in en uit te pakken, ik heb een bed van 220cm lang en 190 breed, bijna net zo breed als thuis (kom daar maar eens om met mijn lengte in een Frans hotelletje), de minibar is altijd gevuld met mijn merk bier én ik kan naar de markt zonder dat m’n dochter en vrouw mee moeten omdat ze anders geen plee meer hebben! I rest my (suit)case! En last but not least, ik ben het hele jaar al met een Kemper op pad, daar wil je op vakantie dan toch even niet aan denken…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
24-06-2011
13!
lees column...
Mijn dochter werd 13. Officieel moet ik zeggen ‘stiefdochter’ maar ik mag al 11 jaar voor haar zorgen en aangezien ik niet mag dansen, de badkamer verboden terrein is en “ik er toch niks van snap”, vind ik dat ik gewoon vader ben. Ikzelf hou niet van verjaardagen: elk jaar met dezelfde mensen dezelfde gesprekken rond de broccoli: “Hoe ben jij gereden?”, “Denk jij dat de huizenprijzen nog verder zakken” en “Hoe vaak doen jullie het nou nog?”. Maar als je 13 bent hoort er elk jaar een feestje bij. “Wat gaan we doen?” vroeg ik enthousiast. “Duuhh… gewoon chillen”, zei ze. “Yes chillen!” riep ik instemmend. Het klinkt als iets rustigs en dan vind ik het allang best. Mijn boodschappenlijstje: slingers, spekkies, limonade! Stiekem haalde ik er ook wat touw en spijkers bij, want als ik ermee begin vinden ze spijkerpoepen vast leuk. Mijn (echte) zoon van 5 kon zijn geluk niet op bij het zien van al dit feestgeweld. Maar mijn dochter keek met mix van verbazing, walging en ongeloof naar de buit. “Djeeezzz, ik ben 13!!!!”. “Eh… wat is er mis met deze versiering?” vroeg ik terwijl ik 2 zakjes Hello Kitty ballonnen omhoog hield. Ze hoefde het niet uit te leggen. De vriendinnen kwamen aan. Of beter; een stoet Gooische Vrouwen in Madurodam-uitvoering. Uggs, zonnebrillen, mascara, lipgloss, ringen, riemen, oorbellen en hakken. Ik ben geen voorstander van het Taliban-regime, maar opeens kwam de uitspraak “Bedekken die boel!” me niet vreemd over. De strikte instructies om me te beperken tot het bbq-en en verder op de slaapkamer te blijven waren echter kristalhelder. Er werd gehugged, complimentjes over uiterlijkheden gegeven, “Oh My God’s” gescandeerd en vooral gepraat. Heel veel gepraat. In combinatie met de muziek die precies zo hard werd gezet dat de enige manier om elkaar te horen, keihard schreeuwen was, had deze avond niets meer weg van ‘chillen’. Ik riep nog: “Wie wil er spijkerpoepen?”. Mijn zoon van 5 had er wel zin in. Ik dacht “Doen, want straks is ie 6 en dan wil ie vast een stripster.” De dames bleven tot laat, vonden het ‘vet’ en ik was kapot. Ik wierp nog snel een blik in het met Hello Kitty ballonnen volgehangen bed van mijn kleine man. De ‘Ik-ben-een-spijkerpoep-kampioen’ bokaal stond naast hem. Hij opende zijn oogjes en zei: “Pap, komen de meiden als-je-blieft morgen weer?!”
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
17-06-2011
Doemdenken
lees column...
Soms lees ik een berichtje dat me doet afvragen waarom ik überhaupt aan het ouderschap ben begonnen. Niet een conclusie van zo’n onderzoek waaruit blijkt dat mensen zonder kinderen gelukkiger zijn of vaker sex, meer vrije tijd, meer geld, minder zorgen en meer plezier hebben. Nee, ik de doel op een berichtje als: “aantal gevallen van comazuipen met 37% toegenomen”. Dan sla ik ineens aan het doemdenken (Van Kooten en De Bie, 1980). Want als je die lijn doortrekt is comazuipen ten tijde van mijn dochters 15e verjaardag groter dan voetbal! Ok, ik heb een dochter dus er vallen me selectief berichten op, maar neem nou de afgelopen weken: “Netwerk Robert M. veel uitgebreider dan gedacht”, “Loverboys steeds actiever”, “Weer zwemleraar verdacht van misbruik”, “Voorarrest Keith B. maximaal verlengd”, “Steekpartij op school”… En om het af te maken: “Zorgen ouders veroorzaken stress bij kind”, en “CO2 uitstoot ondanks maatregelen naar nieuw record”. En dan sla ik voor het gemak wat aanslagjes, dodelijke ongevalletjes en levensgevaarlijke komkommers en/of kiemgroenten nog over ook. In de juiste (lees: verkeerde) bui betekenen die berichten voor mij als vader: als ik haar in de eerste kwetsbare jaren langs de zieke geesten van de Robert M’s en gestoorde zwemleraren van deze wereld heb weten te loodsen, ik voldoende op haar hebt ingepraat zodat ze niet comazuipt maar wel een kleine eetstoornis ontwikkeld, en ik haar daarom naar een kliniek stuur om haar uit handen te houden van loverboys, alwaar ze door de leiding niet wordt misbruikt maar juist opknapt zodat ze weer naar school kan en daar vervolgens de messen weet te ontwijken, en ze dan op schoolreisje naar Duitsland niet een broodje Taugé besteld (ja, ze is nog wel erg maar haar gewicht bezig, maar er zat tenminste een broodje omheen), en ík me dan ondertussen over al die dingen geen zorgen maak zodat ze daar geen stress van ondervindt, dat het dan alsnog niet te harden wordt op aarde en de zeespiegel stijgt tot aan Enschede aan Zee… Dat denk ik dan allemaal. Erg hè. Hoe deed mijn opa dat? Wiens dochter werd geboren in een Jappenkamp terwijl ie zelf 3 jaar vastzat in Birma, Hitler aan het werk zag en de opkomst van de atoombom, het machinegeweer, kanker en aids heeft meegemaakt… Hij stierf op z’n 84ste als een gelukkig mens. Daar hou ik me dan maar even aan vast. Het goeie nieuws is wel dat ik al doemdenkend een column af heb. Is het toch nog ergens goed voor, dat doemdenken… Vrolijk weekend!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
10-06-2011
To Do
lees column...
Wie denkt dat het leven als cabaretier zwaar is heeft het mis. Tuurlijk, vanaf september tot juni stappen wij elke middag in een busje richting Stadskanaal of Roermond om 14 uur later thuis te komen waardoor we standaard het afzwemmen, de oudergesprekjes of (minder erg) de jaarlijkse buurt-bbq missen maar dan... In de zomer zijn de theaters dicht en dat betekent 3 maanden lonkende leegte. Die periode is nu aangebroken. De 1e maand zijn we kwijt aan het schrijven van liedjes voor een ander theaterstuk maar dan nog: 2 maanden vrij! Wat moet je ermee zonder burn out? Niks! En dat is een heerlijk vooruitzicht. Althans 'niks'... In de 9 maanden hiervoor heeft mijn “Zomer To Do-lijst” (zaken die vallen onder de noemer "Daar-heb-ik-straks-lekker-alle-tijd-voor") zich tot de nok gevuld. De normale “die-werk-je-zo-weg-dingetjes” zijn ondertussen gewoon het “Lopende To Do lijstje” op- en afgekomen. Al was het alleen maar voor de onbeschrijfelijke sensatie die het wegstrepen van een volbracht klusje is. Het geluid van inkt op papier die de vette streep produceert, de letters die worden doorklieft door een hanige haal, de doorgestreepte klusjes die met elkaar beetje bij beetje aan de winnende hand komen ten opzichte van wat er nog gedaan moet worden en uiteindelijk dat ene moment dat alle klusjes doorgestreept zijn… ultieme voldoening! Ik vind het afstrepen zelfs zó bevrijdend dat als ik per ongeluk iets heb gedaan dat niet op mijn To Do lijstje stond, ik het er snel stiekem bij schrijf om het meteen trots weer door te strepen. Ja, zo hebben we allemaal wat. En nu ligt dus de grote zomerlijst dus voor me. Een kleine greep: kale plekken gras bijwerken, administratie op orde, 12 boeken lezen, 14 afspraken met bevriende stelletjes inhalen, Euro Disney, dak tuinhuisje repareren, kledingkast uitmesten, meer van de natuur zien, CD collectie digitaliseren, zolder opruimen, HEMA fotoboeken 2001 - 2010 maken en zo nog 112 noodzakelijke dingen met als klap op de vuurpijl: vaker spontane dingen doen. Een beetje rekenen levert op dat als ik dagelijks om 05.00 uur opsta en effectief te werk ga voor dit lijstje alsnog 37 dagen tekort kom! En dat zonder dat ene alles bevrijdende moment dat alles is afgestreept mee te maken. Ik heb het dus met mezelf maar op een akkoordje gegooid. Volgende zomer probeer ik het opnieuw. In de rustige wetenschap dat het leven nooit af is.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
03-06-2011
Trouwen
lees column...
Jawel, het trouwseizoen is begonnen! Ik heb er de komende tijd 7 gepland staan. Met de statistieken in het achterhoofd vraag ik me af: waarom toch? Ik heb me daarom eens wetenschappelijk verdiept (lees: absoluut niet) in dat wonderlijke fenomeen. De feiten op een rijtje. Feit 1: het huwelijk is pas een jaar of 400 jaar oud. Bedacht door een Paus die, na het lezen van het boek ‘Celibaat het niet, dan schaadt het niet’, dacht: “Ok, als ik geen sex mag hebben, dan jullie maar met één iemand. En dan wel zo lang, dat je er schijtziek van wordt!”. Feit 2: het huwelijk verving de kuisheidsgordel. Destijds in de markt gezet met slogans als “Hou ze dom, doe ze een gordel om” en “de wereld is verrot, zet je vrouw op slot. Dus toen stalen ondergoed uit de mode raakte, kwam het huwelijk. Leuk om te weten! Feit 3: mannen ervaren het huwelijk met terugwerkende kracht vaak als “de snelheidsbegrenzer op de snelweg van het leven. De flitskast van de vrije wil”. Fijn vooruitzicht nietwaar! Feit 4: als je 100 mannen vraagt waarom ze dan toch trouwden staat hoog in de top 3 van antwoorden; “we zaten een beetje in een dipje, het was dit of een hond”. Feit 5: Sex vóór het huwelijk is allang geen probleem meer. Sex na het huwelijk, probeer dat nog maar eens voor elkaar te krijgen. Feit 6: Uit onderzoek is gebleken dat de uitspraak “In het huwelijks bootje stappen” ongeveer rond dezelfde tijd is ontstaan als de uitspraak “roeien met de riemen die je hebt”. Feit 7: Als mensen trouwen denkt nog niemand aan scheiden. Dat is hetzelfde als gaan skiën zonder de mogelijkheid van een gebroken been serieus te nemen. Feit 8: Het huwelijk bestaat in 50% van de gevallen uit 3 ringen; verlovingsring, trouwring en vernedering. Feit 9: veel huwelijken houden stand dankzij het feit dat men vooralsnog een grotere hekel aan advocaten heeft dan aan hun partner. Maar nu dan de mooie kant: kennelijk we willen we geloven dat we tot de uitzonderingen behoren. Tot die kleine groep waarbij het wel een succes wordt. Daarom doen we het! Met hetzelfde rotvaste geloof waarmee auditanten de stip van X-factor oplopen, stappen we het huwelijk in. En in tijden waarin zelf de komkommer levensgevaarlijk lijkt te zijn ga ik die huwelijken eens even lekker allemaal uitzitten alsof ik in de jury zit. “Mooi zeg, jullie gaan het nog ver schoppen!”. Ook al zie op je een afstand al; dat wordt he-le-maal niks.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
20-05-2011
ESF
lees column...
Ik kan het niet langer aanzien, wat zeg ik, aanhoren. Ik protesteer! Het is ook mijn geld dat over de balk gesmeten wordt, mijn land dat afgaat. Ik heb het niet over de European Strike Fighter of over de European Strategic Financing voor Griekenland of Portugal. Nee, ik heb het over het European Song Festival. Ik boycot deze hysterische overdekte Canal Parade al een tijd uit overtuiging dat het onzin is om liedjes tegen elkaar af te meten en vanwege die absurde ‘Engeland-is-altijd-door’-regel, maar dit jaar trok het toch even mijn aandacht. Want de 3J’s werden afgevaardigd! Zonder meer het beste dat Volendam, naast de verrukkelijke gerookte paling, heeft voorgebracht. Topmuzikanten met hele goeie liedjes. Dertien punten kregen ze! Nog niet eens genoeg voor een strippenkaart naar huis. In mijn ogen eigenlijk een compliment dat de tralala-eikels uit Sjnanadininosk (of zoiets) ze niet goed vinden. Maar waar ik me druk over maak, is dat de 3j’s die zaal vol ontplofte dansmariekes koud hadden verlaten of de Grootste Familie Van Nederland kondigde alweer aan dat ze het de volgend jaar anders wilden gaan aanpakken. “Er gebeurde te weinig op het podium, te weinig een act, te weinig visueel”. Zonder opsmuk noemen ze dat, een verademing juist! Maar de TROS ging verder “…al is het budget beperkt, we hebben maar twee ton”. Máár twee ton!?! Twee ton aan overheidsgeld zegt u! 200.000 euro om ons land te zien mislukken tussen de mislukkelingen? Vlak er achteraan kwam vervolgens het heugelijk nieuws dat één J. het volgend jaar nog wel weer een keertje wilde proberen; Gerard J. Ik citeer “ik zit in de nadagen van mijn carrière, ik heb niks te verliezen”. Leuk stukje zelfspot Geer, maar dat hebben we natuurlijk wel! Twee ton om precies te zijn. ‘Onze’ twee ton. Ik weet zeker dat je er een visueel feest van weet te maken daar in Bakoe, maar als 4 jolige olijkerds in een glitterpak al niet werkten, zouden we Europa 1 jolige Joling misschien ook maar moeten besparen. Bovendien, met de huidige ESF-smaak win je daar misschien wel. En we hebben al zo’n slecht imago in europa. Nee, laten we die twee ton nou gewoon lekker in onze zak houden. Een deel ervan steken we in de psychische nazorg voor de 3J’s en van de rest…? Suggesties op twitter via @veldhuis_kemper graag. De 5 leukste inzendingen sturen we warm aanbevolen door naar de TROS. Én belonen we met een cd. Van ons. Met liedjes. Zonder opsmuk…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
13-05-2011
Vakantie?
lees column...
Er is een aantal dingen die pas leuk worden als je er eenmaal bent. Sommige mensen hebben het met sex. Eenmaal bezig zijn ze niet te houden, maar eraan beginnen vinden ze “altijd zo’n gedoe.” Ik heb het meer met vakantie. Eenmaal daar prima, maar het uitzoeken en het boeken… pfff. Ik weet het; in het kader van de revolutie in Syrië is het een probleem van ongekende futiliteit, maar het is nu eenmaal kapitalistische stressfactor nummer 1. Niet voor niets sneuvelen de meeste relaties op- of vlak na de vakantie. Ik heb een vriendinnetje gehad waarmee ik besloot om door Thailand te trekken. Zij vond alles wat ik écht de onderkant vond van wat iemand vanuit hygiënisch oogpunt kan hebben “veel te luxe” en andersom. Twee dagen na thuiskomst was het uit. Nu houden we thuis van dezelfde vakantie, dus dat probleem hebben we niet. En onze lat ligt heus niet zo hoog. Zo lang er maar een zwembad is, het niet te lang vliegen is, we op één plek kunnen blijven met veel ‘uitstapjes’, er wat te doen is voor de oudste 2 tieners (kanovaren, jetskiën, folkloristische doeken verven) maar óók voor onze spruit van 5 (aquapark, pootje baden, jeu de boulen) het eten goed, de bedden zacht, er niet teveel Nederlanders om ons heen dartelen (maar wel net genoeg voor vriendjes voor de kinderen), het strand op loopafstand, de kamers schoon en het er een beetje pittoresk eruit ziet. Wat overigens niet hetzelfde is als dat het dat ook echt is want dan zijn we weer constant bezig de gefrituurde stierenballen aan onze kinderen te verkopen als “niet zeuren, is gewoon kip”. Nou, zoek dat toch heel bescheiden pakketje eisen maar eens op in de gemiddelde brochure of internetsite. We zitten er middenin. Ik kan geen plaatje van te blauwe zwembaden meer zien en geen woord als ‘charmant’, ‘couleur locale’, ‘goed verzorgd’ en ‘keramiek’ meer lezen. En waarom? Ik zit er toch altijd naast. De laatste keer dat we een ‘topvakantie’ hadden geboekt werden we naar diverse hotels gereden . Bij elk hotel waar een groepje uitstapte dacht ik “Wat een sukkels, die hebben het verkeerd gezien zeg, gelukkig zitten wij hier niet”. Totdat we bij ons eigen hotel aankwamen en ik alleen maar dacht “Shit! Waarom zaten wij niet in de vorige?” Dus nu, 43 verschillende brochures en 12 avonden onafgebroken internetten verder, overweeg ik een zeer unieke locatie in de groep te gooien. Schone bedden, vriendjes voor de kinderen, vlakbij het strand en spotgoedkoop: thuis! Ik ben enthousiast, nu de rest nog...
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
06-05-2011
Liedje
lees column...
Na het enorme succes van de non-digitale interactieve column van een ettelijke weken terug (ja ik weet het, verre van een groot succes, het las voor geen meter) vind ik het weer tijd voor een nieuw experiment: het muziekloze liedje! Het is muziekloos omdat vriend Kemper er geen muziek onder wil zetten. Want even voor de lezers van ‘Vrij’ die ons nog nooit in het theater hebben gezien; Richard is de pianist van ons twee. Ik kan geen noot spelen of lezen. Maar voor het schijven van een liedtekst heb je niet veel meer nodig dan wat inspiratie dus wat let me? Enfin, zoals gezegd, de onderstaande tekst heeft ons nieuwe album dus niet gehaald. Richard vond het té Hans Dorrestijn. Daarom speciaal voor u als lezer van ‘Vrij’ een primeur. Een ongezongen, muziekloos liedje, en het heet: Ze bedoelt het vast wel goed! Komt ie: Als ik vraag: ben ik wat dikker, gezien van op m’n rug? Zeg je: schat ik hou nog nét zoveel van jou, als zo’n 20 kilo terug. Als ik vraag: was het wel lekker? Zeg je: maar natuurlijk schat. Het wordt beter door het donker, en van een niet te hoge lat. Als ik vraag: is hij veel knapper? Zeg je: wat een onzin lief! Hij is beslist veel leuker, maar mooi is relatief. Als ik vraag: hoe was het eten? Zeg je: weet je lieve schat, je kan volstrekt niet koken, maar je probeert tenminste wat. Als ik vraag: krijg ik een buikje? Lach je: hou het positief, want naast die slappe billen, is dat buikje nog wel lief. Als ik vraag: ben ik voldoende? Zeg je meer dan dat én meer, maar als ik naar je bolle kop kijk, mag het wel wat minder weer. Als ik vraag: ben je gelukkig? Zeg je: wat is nou geluk? Als ik m’n roze bril niet draag, doe je me tóch geen ruk. Ze bedoelt het echt wel goed, ze bedoelt het echt wel goed, maar hoe zeg je lieve dingen, als je niet goed weet hoe dat moet. Ze bedoelt het echt wel goed, ze bedoelt het echt wel goed, maar steeds als ze me liefheeft, gooit ze eten in het roet… Tot zover. En? Ach laat ook maar. Nu ik het teruglees, vind ik er zelf ook geen klap aan. Ik bombardeer het bij deze tot gedicht. Een stom gedicht. Met de titel; mijn laatste ex(periment).
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
29-04-2011
Goede doel
lees column...
Zodra je in Nederland 1 keer met je hoofd op televisie bent geweest, mag je jezelf rekenen tot KBBN-er (Klein Beetje Bekende Nederlander). Nu geldt dat zo’n beetje voor iedereen in Nederland en met het oneindig aantal goede doelen dat een ‘gezicht’ zoekt voor hun streven komt dat mooi uit! Wij zijn altijd terughoudend geweest in het ‘lenen’ van ons gezicht aan een goed doel. Meestal gaat het om een mooie foto waar dan later een verminkte schildpad, stotterende papegaai of sportende bejaarde in ‘geshopt’ kan worden. Dat betekent niet dat we niets doen, maar we houden ‘t klein. Een liedje voor een ziek iemand, een optreden voor een vrijwilligersclub. Maar Nederland weet ons te vinden, getuige de eindeloze rij verzoeken voor een op maat gemaakte bruiloftstekst, een spontane sprong uit een taart op een vrijgezellenfeestje of een dagje meelopen met de kinderboerderij in aanwezigheid van het lokale huis-aan-huis-blad. Meestal zeggen we dus, hoe hard ook, nee. Maar een tijdje geleden kregen we een brief waar we oprecht door geroerd waren. Een vrouw, gescheiden, 2 jonge kinderen. Haar jochies waren “hélemaal gék van ons liedje Ik wou dat ik jou was”. Dat had veel voor ze betekend in een moeilijke tijd. Naar het theater gaan konden ze “wegens omstandigheden” niet. Of wij niet iets konden betekenen voor deze bijstandsmoeder, die achtergelaten door haar ongetwijfeld mishandelende man haar beperkte financiële draagvlak omschreef met de woorden “wegens omstandigheden”. We zeiden; kom om 17.00 uur naar het theater, dan spelen wij voor jouw kinderen speciaal ons liedje. Om 19.15 uur scheurde een dikke Range Rover voor de deur, kwam er een Vanessa meets Estelle Gullit de artiesteningang binnenstormen, 2 langharige hockeyjongens onder haar armen mee naar binnen sleurend. Wij nemen de kleine Johnny de Molletjes het podium mee op en spelen hun langgekoesterde wens. Althans dat dachten we. Want toen we klaar waren vroegen we aan de jochies of ze blij waren. Ze keken op hun horloge en zeiden: “Eigenlijk niet want als we hier nog langer blijven zijn we te laat voor hockeytraining. We kennen jullie helemaal niet maar we moesten mee van mama, die is helemaal gek van dat liedje”. Moraal 1: de duurste bakken hebben de grootste bekken. Moraal 2: volgende keer doen we het weer, er zit heus een keer een echte noodzaak tussen. Moraal 3: je maakt wat mee, als cabaretier!
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
22-04-2011
Knullig
lees column...
Wij hebben het lang niet zo gek getroffen met Beatrix, Koningin der Nederlanden. In onze beroepsgroep geen populair standpunt, maar zo voel ik het nou eenmaal. Toegeven, ergens in mij schuilt heus wel een klein republikeintje, maar dat is meer uit principe. Gewoon omdat ik vind dat macht niet vererfbaar zou mogen zijn. Maar aangezien het met die macht nogal meevalt, trek ik die monarchie wel. Halfslachtig en halfmachtig. Het heeft iets aandoenlijks. Iets knulligs. En als je series als ‘Bernhard, schavuit van oranje’ en of ‘De Troon’ dan ook maar voor een tiende serieus neemt, verdienen ze echt wel een complimentje voor inzet. Kabinetten vallen hier sneller dan een kind van een schommel maar de Oranjes houden al een paar eeuwen van drama en schandaal stoïcijns stand. Daar doet blijkbaar geen Bernard, Argentijnse schoonvader of Suzuki Swift iets aan. Die blijven ferm overeind en dat komt niet heus niet alleen door de haarlak. Nee, het heeft gewoon wel wat! Dat ik daar niet alleen in sta is misschien nog wel het leukste van de monarchie. Ik verheug me dan ook enorm op Koninginnedag. Ik weet zeker dat ook deze keer weer alles uit de (verkleed)kast zal worden getrokken om Apeldoorn, de Damschreeuwer of de Waxinelichtjeshouder-werper verder te doen vergeten. Met nog meer klederdracht, nog meer ringsteken, nog meer steltlopen, fietsparcourtjes, toneelclubs en zangkoren, al dan niet samengesteld uit mensen met een verstandelijke beperking. Want vooralsnog wordt ons staatshoofd en haar familie nog op handen gedragen. En dat dat betekent dat ze af en toe een dag getrakteerd wordt op aandoenlijke knulligheid past daar dan weer prima bij. Het is onze volksaard. En das maar goed ook. Want diezelfde knulligheid maakt dat iemand dacht dat voor een aanslag op de Koninklijke touringcar een Suzuki Swift wel genoeg zou zijn. Of een waxinelichtjeshouder, of een harde schreeuw... Daar hadden ze in Thailand, Italië of Zuid-Afrika echt wel wat meer werk van gemaakt, vrees ik. Dus ga ik me lekker verkneukelen aan die dag vol knulligheid. Ik ga er zelfs op proosten! En met een beetje mazzel pak ik op TV de intocht in Thorn of Weert nog mee en zie ik nog net hoe iemand een levensgevaarlijke tomaat in ongeveer de richting van Willem Alexander gooit. Het zou een smet op de dag zijn, maar niet voor mij. Voor mij is het een ode. Een ode aan de knulligheid.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
15-04-2011
Trots
lees column...
Natuurlijk vindt elke ouder zijn of haar kind het liefste, grappigste, mooiste, slimste en meest bijzondere kind op de wereld. Al heb ik het de moeder van Joran van der Sloot al een tijd niet van de daken horen schreeuwen, maar dat snappen we. Iedere ouder houdt van zijn of haar kind. Zo hoort dat. Toegegeven, af en toe zie je er wel exemplaren tussen waarbij je je afvraagt waar hun ouders die liefde voor hun kind vandaan halen. Ze stinken, plakken, pesten, schreeuwen, huilen, dreinen, zeuren, peeuwen, maken dingen stuk, hebben groene snotdorrels en zitten er de héle tijd doorheen te jengelen. Maar zelfs die ouders zien hun blagen dan toch nog als “ondeugende ontdekkingsreizigers die onbevangen de wereld tegemoet treden”. De natuur heeft het namelijk heel mooi voor ons geregeld: de etterbakjes zijn altijd die van een ander, nooit die van ons. Wij hebben namelijk de leukste kinderen van de wereld en bij mij is dat echt zo. Nu denkt u, “ja, ja, dat zegt elke ouder” en dat klopt. Maar geen zorgen, ik ga echt niet pochen met zijn slimheid want gek genoeg heb ik het enige kind in Nederland die niet heel ‘bij’ is of ‘een beetje voorloopt’. Sterker nog, ik zou bijna zeggen ‘integendeel’, maar dat doe ik niet want wie weet komt ie als volwassen vent ooit dit stukje tegen en dan staat ‘t zo lullig. Maar logisch redeneren; ja, dat kan ie! Zo ga je naar een huisarts als je huis ziek is, heet een moedervlek bij papa een vadervlek en als ik tegen hem zeg dat we “straks” gaan fietsen vraagt ie constant “Is het al straks?” Laatst liep ie zelfs ’s morgens naar buiten, stak zijn neus in de lucht en zei “Pap ruik ‘s, de wolken hebben een parfummetje opgedaan”. Maar ‘voorlijk’, nee dat is ie niet. Om zijn interesse langzamerhand wat ruimer te maken dan z’n megatoby-verkleedpak, oefende ik gister een klein sommetje met hem. Aangezien hij later banketbakker wil worden vroeg ik “Als er 2 aardbeiengebakjes op tafel staan en ik zet er eentje bij, hoeveel staan er dan?” Hij had het goed. “Nu gaan we het wat moeilijker maken”, zei ik waarop hij meteen riep: “Oké, nu met appelgebak!”. Logisch, voor een banketbakker. Terwijl ik dit typ denk ik, zit nou maar niet zo op te scheppen Kemper met je zogenaamd ‘leukste kind ter wereld’, je weet ’t nooit. Joran wilde ongetwijfeld ooit ook gewoon iets anders worden dan ‘beroemd’. Z’n moeder weet vast nog wat. Daarom houdt ze van hem. Zo hoort dat. En dat snap ik.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
08-04-2011
Jagen
lees column...
U zegt buitenleven, ik zeg, Countryliving, Landrovers, hoge laarzen, waxcoats, paarden, geweren, jagen. Die laatste 2 stuiten waarschijnlijk bij u gelijk op verzet. Ik ken dat, want zelf ben ik ook zo. Als kind al had ik een roedel van maar liefst vierentwintig stamboek hangoorkonijnen. Helemaal ‘zelf’ opgebouwd en dat terwijl ik er maar met twee was begonnen… Naar ‘Flappie’ van Youp kan ik tot op de dag van vandaag niet luisteren, en ik ben getrouwd met een vegetarische. Nou, dan heb je het van nature dus niet zo op jagers. Sterker nog, dan haat je ze een beetje. Machtswellustige mannetjes met zwartgrijze baarden en een zweem van pijp en oude jenever die het heerlijk vinden om een nietsvermoedend konijn op 300 meter aan flarden te schieten. Ik was dan ook niet blij toen wij voor een Tv-programma er bij eentje op bezoek moesten; een jager. Voor de camera hou ik me nog beleefd van de domme maar ik voel ‘m al van mijlen ver aankomen. Er hangt bloed in de lucht! We komen aan bij een huis wat me in eerste instantie doet denken aan een hotel. Zo groot. Ik verzet me tegen de gang naar de voordeur want over enkele seconden zal ik oog in oog met ‘m staan. Een killer, een smeerlap, een pleziermoordenaar. In stilte oefen ik alvast op m’n gemene blik en messcherpe vragen. We bellen aan, een huichelachtige schim komt dichterbij, de deur gaat open. En zie daar, Lucifer in hoogst eigen pers... huh, hoe kan dat nou!? Hier klopt iets niet. Dit is op het eerste gezicht een aardige, frisse, helder in het leven staande man. Niks geen baard, niks geen jenever. Even wil ik vragen; is je vader thuis, maar een spontane lach verwelkomt ons naar binnen. Een uur en een aantal prachtige verhalen over z’n vader de gewerenmaker, over z’n geloof in het beheer van land en landschap, over de training die je als jager moet volgen om te voorkomen dat je een beest slechts verwondt en niet meteen doodt en ik ben om. Een uur, dat is alles wat er nodig was om mij m’n kaplaarzen te laten aandoen en mee te gaan op zoek naar een overtallig konijn. Deze jager deugt en heeft het beste voor met mijn natuur en mijn konijnen... Het is geen populair standpunt, maar ik ben het dus echt anders gaan zien. Ik woon in de duinen en zie door een jachtverbod de damhertenpopulatie om me heen ontploffen, terwijl de eindeloze discussie er over in Amsterdam-Centrum gevoerd wordt. Waar ze op wachten? Schiet mij maar lek.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
01-04-2011
Première!
lees column...
Natuurlijk moet ik het met u hebben over Japan, Libië, Syrië, het midden oosten, de strijd binnen Ajax of de eeuwige zomer- en wintertijd verwarring. Sorry, het lukt even niet. Uw krant heeft nu eenmaal een cabaretduo gevraagd deze column bij tourbeurt te schrijven en theater is dan soms een onderwerp dat zich meedogenloos opdringt. Zoals nu, want vrijdag 1 april gaan we in première met ons nieuwe programma. Alle omvallende regimes, afgezette dictators en ontplofte kerncentrales ten spijt lijkt er in ons leven even niets anders te bestaan. We leverden de titel voor het programma al in september 2009 in bij ons impresariaat, dan begint het boekingseizoen voor september 2010 tot juni 2011. Je moet in dit vak soms anderhalf jaar van tevoren een titel bedenken voor een show waar dan nog geen letter van op papier staat. Bij een eerste gesprek aan de keukentafel riep iemand dat ie soms zo gelukkig was dat ie er onrustig van wordt en het hele opgave vindt om het zo te houden. Ging er maar eens iets (een klein beetje) fout, dan kon ie tenminste roepen “Dan maar niet gelukkig!”. Iemand reageerde met “geinige titel” en nu is het opeens een show met als thema geluk. Onderzoek leert ons dat het Grote Geluk in Nederland volgens velen vaak zit in de kleinste dingen. Maar in de praktijk geldt dat nog meer voor ongeluk. Als je leven bijna perfect is, dan valt alles wat niet 100% is extra op. Koop maar eens een nieuwe bank, de rest van je huis ziet er opeens stom uit. Daar schijnen we met z’n allen behoorlijk onder te lijden. Psychologen trekken aan de bel vanwege de inmiddels ca. 1 miljoen mensen die aan de antidepressiva zitten. Volgens hen is dat vaak niet écht nodig, maar willen mensen niet langer dan 3 maanden accepteren dat het leven soms ook tegenzit. Bij een scheiding, een ontslag of zelfs najaarsmoeheid willen mensen niet lang verdrietig zijn en vragen aan hun huisarts een middel om zich gelukkiger te voelen. Geluk heb je zelf in de hand, getuige ook het enorme aanbod gelukscursussen. Loopt je relatie niet; relatietherapie, ben je gestressed; opnieuw leren ademhalen, is het onrustig in je hoofd; mindfullness! Misschien heb ik ze bij een tegenvallende première allemaal nodig, al hoop ik natuurlijk van niet. En anders spreek ik nu met mezelf af, dat ik zal denken: “Niet zeuren, je had nu ook in Japan, Libië of Syrië kunnen wonen”. Geluk zit soms ook in hele grote dingen.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
25-03-2011
Papadag
lees column...
Ik heb tot de maandagavond voor ‘Vrij’ uitkomt de tijd om een column aan te leveren. Maandag is echter ook mijn papadag. Ik weet het, een afschuwelijk woord bla bla, maar toch wil ik u eens een inzicht geven onder welke omstandigheden zo’n column geschreven wordt! 07:06, dochter heeft pap op en ik na 6 espresso nog geen idee waarover ik ga schrijven. Ik observeer haar in de hoop dat ze iets leuks doet wat ik u dan kan vertellen. Niks. Ze ruikt wel naar poep. Rekken, want ik zoek op internet naar een idee. Ik zie een vochtige vlek in haar broek ontstaan. Shit, te lang gerekt. Alles verschonen. Limonade maken. Bij de eerste slok de hele inhoud over haar heen. Deksel niet goed dicht. Huilen. Truitje en broek verschonen. Even zelf spelen want papa heeft nog niks... 11:27, boterham met appelstroop maken. Stroop plakt aan alles en zit overal, ook aan computer. Geen tijd om te voeren, computer moet schoon. Dochter prikt zichzelf met vork, huilen. 12:09: middagslaapje. Dochter slaapt na half uur nog steeds niet. Op babyfoon kijken. Ze speelt met iets? Aha, speldjes uit haar haar vergeten te halen. Speldjes afpakken. Dochter niet blij. Krijsen, huilen, brabellen dan slapen. Snel wasmachine legen. 4 miljoen rompers uithangen. Waarom zoveel!? Laatste romper opgehangen, dochter wakker. Kamertje stinkt, weer kak. Zelfs aan de binnenkant van het slaapzakje! Alles verschonen. Fruithapje eten, sinaasappel vandaag. Eerste hap, krijsen… wat nu weer? Sinaasappel zuur. Dan maar een knijpfruitje. Dochter eist “zef doe, zef doe” oftwel zelf doen. Knijpfruit spuit over haar kleren. Schoon shirt, schone broek, papa voert de rest van het knijpfruit. Even zelf spelen, want papa heeft nog steeds niks. Dan frisse neus. Goed voor dochter, goed voor papa! Na een uur naar binnen. Vlak voor het huis gestrekt in diepe plas. Tot op d’r luier doorweekt. Dan spelen met blokken, papa weer achter de computer. Ik heb een Apple, maar dit slaat nergens op: ik heb een Apple-stroop! Ik heb een ‘Plaktop’! Dochter te stil. Spelend met toiletborstel. Handjes wassen, schoon shirtje aan. Al 18:00!? Koken, opscheppen, blazen. Niet goed geblazen, huilen, troosten! Toetje “zef doe, zef doe”, overal yoghurt, dochter in bad, papa zeiknat gespat, tandjes poetsen, liedje zingen, nog een liedje zingen. Was draaien, andere was opvouwen. 22:00 op de bank. Nog steeds niks! Hoe kan het dat ik in een hele dag geen column heb kunnen schrijven!? Nou ja, volgende keer beter…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
18-03-2011
Japanse Lente
lees column...
Ik had het vlak voor 21 maart met u willen hebben over de lente! Gretig groeiend groen, lief lachende lammetjes, zoet zinderende zonnestralen en licht lonkende liefdes. Maar toen kwam Japan en voelde dat opeens buitengewoon ongepast. De beelden van de vastberaden vraatzucht van modder en puin die met een onstilbare honger het land veroveren maakt zo’n lentegroet meteen tot bijzaak. Of niet? Want aangezien wij onze stukjes altijd een paar dagen vooraf moeten inleveren, is het mogelijk dat Japan tegen de tijd dat u dit leest alweer “so last friday” is. Op dit moment niet voor te stellen met die kernreactoren, maar steeds als ik de afgelopen jaren denk dat we nu toch écht midden in dé gebeurtenis van de eeuw zitten, dient de volgende zich alweer aan. Nog maar enkele weken terug immers veranderde het Midden Oosten de wereld en tot een uur voor de aardbeving domineerde Libië alle journaals. Maar vanaf het moment dat Japan zich meldde, lijken we ons daar al meteen een stuk minder druk om te maken. We hebben nu wel iets anders aan ons hoofd! Aan ons hoofd wel te verstaan, want met het schaamrood op de kaken beken ik dat de heftige beelden soms moeilijk een directe weg naar het hart vinden. 40 Jaar kijken naar overstromingen, oorlogen, hongersnood, revoluties en massaongelukken lijken me zelfs een beetje murw geslagen te hebben, hoezeer ik me er ook tegen verzet. Natuurlijk, ik ben verbaasd over de nietsontziende kracht van de natuur. En ik verwonder me over de berekendheid waarmee beleggers investeren in staal en de stijging van aandelenkoersen in de Japanse bouwsector want daar komt het de komende jaren op aan. En het nieuws volgt elkaar ondertussen zo snel op dat ik me bewust moet inprenten dat het wel écht is wat er gebeurt en bijna mijn best moet doen om te beseffen welk verdriet er schuil gaat achter de koele Japanse verslaggeving. Totdat ik een moeder zie die na enkele dagen wordt herenigd met haar dochtertje. Ik spreek geen woord Japans maar wat er wordt gezegd is kristalhelder en gaat door merg en been. Twee mensen maken op mij meer indruk dan schattingen van duizenden doden. In één klap ben ik wakker en weet wat op dit moment vanuit hier het enige gepaste is om te doen. Ik moet naar buiten. De lente begint en daar moet ik met mijn gezin verdomd intens van gaan genieten. Zo gewoon is dat niet.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
11-03-2011
Rokjes
lees column...
Normaal gesproken krijg ik van het zinnetje “een terrasje pakken” al jeuk maar ik kan de neiging vandaag gewoon niet weerstaan. Het is strakblauw boven de Grote Markt in Haarlem en er is zomaar plek!? Ja sorry hoor, zo’n kans laat je gewoon niet lopen. Het is vroeg op de middag maar toch bestel ik iets met alcohol; een groot glas van een of ander Belgisch bier. Lekker Bourgondisch. Om me heen word door aantrekkelijke jonge vrouwen in rokjes Rosé of witbier met een citroentje gedronken en links en recht zitten stelletjes aan een ijscoupe. Af en toe fietst er een rokje voorbij. Het is zomer in de stad, en daar ga ik eens even flink van genieten van achter m’n (Martin) Bril. Ik lees tussen het rondkijken door het etiket op het flesje: “Best gedronken op 6 graden”. Koud bier, korte rokjes, de zon, dit is leven! Als er nog een rokje voorbijkomt en ik de fietsster in kwestie weer helemaal tot om de hoek volg hoor ik ineens m’n vrouw, waarvan ik even ‘vergeten’ was dat ze naast me zat, zeggen: “Ok, that’s it, ik sterf het af, ik ga naar binnen. Oh, en mocht je denken dat die meiden in die rokjes het wel warm hebben, dan ga je maar lekker met hun op een terrasje zitten”. Ze staat op en dribbelt met haar kop thee naar binnen. Ik krijg een rood hoofd, kijk om me heen of geen van de rokjes het gehoord heeft en neem nonchalant een slok. Dan drinkt of dringt het ineens tot me door. Dit slaat nergens op! Ik zit verdorie te trillen als een rietje. Er staat een stevige bries op het terras en aldus mij iPhone is het niet meer dan 5 graden op de Grote Markt. Dat is maarliefst 1 hele graad kouder dan m’n Belgische biertje geserveerd dient te worden. En wie weet wat de gevoelstemperatuur wel niet is op deze tochthoek!? M’n vingers zijn zo koud dat ze nog maar moeizaam rond het glas buigen wat, nu ik er op let, zelfs een beetje warm aanvoelt. Mijn vrouw heeft gelijk! Ik dribbel achter haar aan naar binnen en bestel een warme chocomel. Daar zitten we dan; binnen een terrasje te pakken. Lekker Bourgondisch... Ze haalt een tube crème uit haar tas die ze mijn richting opschuift. “Hier, je hebt knalrode wangen” zegt ze. “Van de kou” zeg ik en voel me ineens een stuk warmer worden.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
04-03-2011
Leermomentje?
lees column...
We zitten midden in de try-out fase van ons nieuwe cabaretprogramma. Om de dag spelen we ergens in Nederland om onze show te testen. Dat je niet àlles kan testen bleek afgelopen zaterdag in Vianen. De zaal had er zin in en wij ook. Halverwege brengen wij de pauze ter sprake als een goed moment om de benen te strekken. Vanuit het donker klinkt opeens een vrolijke jongensstem: “Kan ik niet!”. “Interessante reactie” denk ik en ik vraag wie dat zei. Een jongeman in rijkelijk met slangen en buisjes uitgedoste rolstoel meldt zich: “Ikke haha!!”. Niet iedereen in de zaal kon zien dat hij in een rolstoel zat dus ik voelde me verplicht dat te melden om zijn als zelfspot bedoelde opmerking uit te leggen. Op het moment dat ik zeg: “de meneer die dat zei zit in een rolstoel” voel ik de sfeer in de zaal veranderen. Sterker nog; het lijkt wel of ik puur door het noemen van het woord ‘rolstoel’ een bordje “nu wordt het ongemakkelijk” omhoog heb gehouden. Mensen kijken opeens alsof ík verantwoordelijk voor zijn handicap ben. Geen paniek denk ik, met mijn podiumervaring tover ik dit in mijn ogen onnodige ongemak met één soepele opmerking om in collectieve opluchting. Gewoon even laten zien dat wij met elkaar kunnen dollen. “Waar heb je dan last van; aandachttrekkerij?”, vraag ik. De jongen lacht… als enige. Toegegeven, zeker niet de beste improvisatie ooit, maar de oorverdovende stilte waar de zaal me op trakteerde vond ik wat overdreven. Ik wilde naar voorbeeld van mijn 5-jarig zoon roepen “Hij begon!”. Of uitleggen dat iemand in een rolstoel die zélf besluit zich met lekker veel zelfspot met de voorstelling te bemoeien blijkbaar wel tegen een geintje kan. En dat we vooral niet te spastisch moeten proberen de handicap van mensen te ontwijken. Maar partner Veldhuis greep al in. Hij lachte het ongemakkelijke sfeertje professioneel weg en pakte de voorstelling soepel op. Na afloop heb ik de jongen uitgebreid gesproken. Uit zijn mond rolden veel grappen over zijn handicap en hij vond het een “te gekke avond”. Leermomentje toch: geen grappen tegen mensen in rolstoelen. Want al kunnen ze daar zelf hartelijk om lachen, de zaal wordt er ongemakkelijk van. Waarom eigenlijk? Om de mensen met een handicap te ontzien of om onze eigen onzekerheid hoe ermee om te gaan te verdoezelen? Als je er maar niks over zegt, kan je ook niks fout zeggen lijkt ‘t devies. Ik vraag me af of mensen met een handicap er ook zo over denken...
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
25-02-2011
Censuur
lees column...
De eerste niet digitale, interactieve column van Nederland. Geheel naar het nieuwe poldermodel. Gelieve steeds één van de twee geboden opties door te halen, en zo uw eigen toonzetting te bepalen! Veel plezier!
Ik [snap de ballen van / bewonder] Geert Wilders. Waar of maar een beetje waar wat Huib Oosterhuis klikte over de kersttoespraak van Beatrix, het zou toch [een gotspe / te grappig] zijn dat de man die z’n leven lijkt te willen geven voor voornamelijk zíjn vrijheid van meningsuiting eerst als een [klein kind /staatsman ] begint te [zaniken / z’n gezag doet gelden] als joop.nl een [smakeloze / meesterlijke] cartoon over zijn partij plaatst terwijl vervolgens blijkt dat ie [geschrapt heeft / de naastenliefde miste] in de kerstrede van Beatrix!? Ik snap ook wel dat Hare Majesteit slechts in de republiek Der Nederlanden haar [eindeloze / ontroerende] toespraken zonder meer in de ether mag [sturen / onderdompelen] maar het zou toch wel een [triest dieptepunt/ hilarische grap] zijn als dit waar bleek. Nou ja, de soep zal wel weer [niet te vreten zijn /verdund worden], maar voor de zekerheid maak ik maar even een oriënterend rondje op de [Emigratiebeurs / Kamasutrabeurs]. Ik heb gehoord dat er veel kansen zijn in [Egypte / de dark-rooms aldaar]. En tot het moment dat ik besloten waar ik heen ga, hou ik me maar even aan de lijfspreuk van m’n [oma / beste vriend Richard Kemper]: [wat u niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet / Ce’st le ton qui fait la musique!]
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
18-02-2011
Hondenmens
lees column...
Afgelopen week moest ik denken aan een gedicht van de Haarlemse puntdichter Jan J. Pieterse: “Hondepoep, ik heb er niks tegen, zolang er maar een hond omheen zit”. Treffend als je zoals ik géén hondenmens bent. Alleen het woord al: ‘hondenmensen’. Van uitgedijde vrouwen die alleen van hun kaalgebeten leren bank afkomen om hun knakworst op 4 pootjes aan een touwtje door de straat te trekken tot montere lichtgrijzende powervrouwen die met groene waxcoats op hoge rubberen laarzen, vastberaden op hun fluitjes blazen en ‘Max’, ‘Boender’ of ‘Does’ roepend door het bos stappen. Ikzelf hoor bij de Ontkenners; mensen die hun hond uitlaten met een blik van: “Loop ik met een hond? Nee hoor!”. “Waarom neem je dan een hond?” Goede vraag… te laat! Het ging als volgt. Bij mijn Liefde kreeg ik 11 jaar geleden een hond cadeau. Modelletje handtas. Niet mijn vriend, maar ze zou het toch niet lang meer redden. Werd natuurlijk 19. Zoon van 5 roept sindsdien elke dag dat ie ‘m mist. Hou veel van zoon. Oké, er komt een hond maar dan nu een échte in plaats van een levende pantoffel. Gezin in euforie-stemming. Zoeken op internet. Ons ras niet beschikbaar. Kom ik goed weg. Tot afgelopen zaterdag. Opeens puppy beschikbaar. Puppy wel nogal aan diarree. Vrouw smelt toch. Zoontje smelt nog meer. Ik een beetje. Tot volgende dag. Zie overal poep. Zie mezelf over 5 jaar als oudste 2 kinderen de deur uit zijn, de jongste op school zit en mijn vrouw overdag werkt met hond lopen. Zie mezelf met plastic zakje poep oprapen, in jas bewaren tot prullenbak, uit jas halen, verkeerd vastpakken, poep in jas, hand in poep, hand door haar, poep in haar, overal poep. Ik krijg het benauwd. Ik zweet. Ik stik. Wat een domme actie; ik bén geen hondenmens! Ik biecht ‘t thuis op. Hondje kan nu nog terug... Zal ik het doen? Ik doe het! Vast beter voor hondje. Bij thuiskomst Afghaanse taferelen. Jongste zoontje “haat mij voor altijd”, oudste 2 storten in, vrouw niet boos maar ‘verdrietig… Schaam me rot. Volgende ochtend al iets veranderd? Integendeel. Zoontje scandeert vanuit bed naam hondje. Rest huilt nog steeds. Als gezin ooit zo verdrietig is bij mijn dood, heb ik het goed gedaan. Voel me intens schuldig. Hondje mag terugkomen. Jongste zoontje blij, vrouw houdt van me, oudste 2 springen door huis. Nu week later, alles rustig. Vind het zelfs stiekem geinig beest. Moet nu afronden; lopen met de hond. Plastic zakje niet vergeten.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
11-02-2011
Accent
lees column...
Vorige keer dat ik u aansprak ging het over Boer zoekt Vrouw. Een eclatant succes en het kan bijna niet anders dan dat Yvon Jaspers zo langzamerhand gaat denken dat dat ook door haar komt. En ik denk dat ze gelijk heeft. Maar dan niet zozeer aan Yvon zelf alswel aan haar accent! Accenten doen het namelijk heel goed. Ook in het theater zo blijkt. Want ik heb voor de grap even wat stevige namen uit het cabaretvak even op een rijtje gezet, en wat schetst uw verbazing… Herman Finkers? Accent! Hans Teeuwen? Accent! Marc-Marie? Überaccent! Guido Weijers? Nogal een accent! Jörgen Rayman? Behoorlijk! Najib Amhali? Absoluut! Van die laatste twee heb ik wel eens gehoord dat het zelfs helemaal geen Surinamer en een Marrokaan zijn. Allemaal ‘part of the act’. Briljant! En hoe zit het dan met de ‘bijna’ accenten? Ook die zijn bovengemiddeld groot(s). Freek de Jonge? Zeker een soort van accent, met name als ie zingt. Bert Visscher? Vaak niet eens te verstaan! Youp van ’t Hek? “Doorgesherryde zonnebankteef” Randstedelijk maar wel degelijk een accent. Jochem Myjer? Stuiter-accent. Jan Jaap van der Wal? Hazelip, kan ie niks aan doen, maar klinkt anders, dus accent. Iedereen die iets voorstelt in dit vak praat raar. En laten we nou ‘s kijken naar wat algemeen beschaafd Nederlands sprekende collegae: De Vliegende Panters? Uit elkaar! Van Vleuten & Van Muiswinkel? Uit elkaar! Erik Franzen? Nooit van gehoord! Richard Roodnat? Wie zegt u? Sanne Ganzewinkel? Totaal onbekend! Ik acht het bij deze bewezen: als je opkomt met een accent sta je meteen al met 1-0 voor. En alles wat je daarna zegt is gewoon veel grappiger. Leest u de volgende neutrale mop nou eens met een dik, Brabants accent in uw hoofd. Komt ie: Stapt een man een vliegtuig in en ziet 2 vrouwelijke piloten in de cockpit zitten. Roept ie naar binnen “Nou dames, gelukkig hoeven we niet in te parkeren!”. Moest u grinniken? Goed, leest u ‘m nou eens in het ABN. Doet u maar even. Gedaan? En? Veel minder toch. Ik weet het echt zeker, met accent ben je grappiger. Ik ga dan ook nu stoppen met deze column en oefenen op een accent. Ik zet in op dat ‘gezellige’ Brabants. Niet te moeilijk en tog kei grappig! Tôd dûh volgaande weejk moàr wèhr! Dan goàt Riesjard ût wèhr èfkus int ABN probèrûh. Zie je nou, ik lig dus nu al in een deuk.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
04-02-2011
Publiek!
lees column...
In de top 10 van meest gestelde vragen na een voorstelling staat: “Merk je verschil in publiek?” De andere 9 zijn: “Hoe onthoud je alle teksten?”, “Schrijven jullie alles zelf?” “Verveelt het nooit om elke avond hetzelfde te doen?”, “Wie schrijft de liedjes?”,“Hoe vaak spelen jullie?”, “Hoe zijn jullie hiermee begonnen?”, “Gaan jullie altijd naar huis?”, “Kan je ervan leven?”, “Hebben jullie weleens ruzie” en “Hoe lang doen jullie erover om een cabaretprogramma te schrijven?”. Maar vandaag: het verschil in publiek. Het is natuurlijk gek om ca. 750 man per avond onder één woord (‘publiek’) te scharen, als was het één persoon. En toch werkt het vaak zo. Gister ging de zaal plat om die ene grap waar vandaag niemand om lacht. En je doet precies hetzelfde: hoe kan dat? Ligt het misschien aan de provincie? Daar valt weinig meer over te zeggen dan dat alles anders is dan je zou verwachten. Friezen zijn allerminst stug, Zeeuwen niet koppig, Noord-Hollanders niet bijdehand en Brabanders niet altijd zo gezellig als je zou denken. Met een goed programma is het overal leuk, maar de ene avond duurt het soms iets langer voor de zaal ‘warm’ is dan de andere. Zelf denk ik dat ’t veel te maken heeft met de dag van de week. Maandag is iedereen los. Het lijkt wel of ze denken “Kijk ons hier nou zitten, op maandag… Lekker gek!!”. Op dinsdag is iedereen moe van wel 2 dagen werk én morgen vroeg op: moeilijke wedstrijd. Op woensdag is het met de 4-daagse werkweek van 80% van Nederland vaak de ‘nog-één-dagje-werken-en-dan-weekend’-dag: vrolijke boel. Donderdag is het voor die 80% weekend en voor de rest ‘op-vrijdag-werken-stelt-toch-niet-veel-voor’-dag: Feest! Vrijdag is de ‘weekend-is-nu-écht-begonnen-dus-we-gaan-ertegenaan’-dag: het kan niet op. Maar zaterdag is niet makkelijk. Iedereen heeft zere voeten van lopen op de meubelboulevard, net buiten de deur gegeten, te snel gedronken om op tijd in het theater te zijn en je ziet ze denken: morgen nog naar mijn schoonouders en dan is het alweer maandag: pfffff… Maar telkens als ik nét denk dat ik het helemaal door heb en wij gezien bovenstaand rijtje niet meer op dinsdag en zaterdag willen spelen, maken we een paar te gekke dinsdag- en zaterdag-avonden mee en draai ik alles snel terug. Ach, het is waarschijnlijk gewoon zoals Wim Kan het ooit zei: “Het ligt nooit aan het publiek”. En dat is maar goed ook. Trouwens, voor diegenen die zondag in het rijtje miste, zo lang Boer zoekt Vrouw wordt uitgezonden heeft dan spelen toch geen zin.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
28-01-2011
Br.zkt.Vr.
lees column...
Ja, hiero, joehoe, hier zit ie hoor! Een van de laatste Nederlanders tussen de 20 en de 49 jaar die nog nooit, maar dan ook echt nog nooit langer dan 6 minuten naar Boer Zoekt Vrouw heeft gekeken. Nou heb ik normaal geen last van latente gevoelens over mijn kijkgedrag, maar nu begin ik toch een beetje aan mezelf te twijfelen. Ben ik wel in orde? Spoor ik wel? Zoveel mensen kunnen het toch niet mis hebben!? Help! Ik moet gaan afstrepen waar het aan ligt, want hier word ik dodelijk onzeker van. Heb ik iets tegen Yvon Jaspers? Ik weet haast zeker dat dat het niet is. Goed, ze is wat springerig voor d’r leeftijd en ik moet altijd aan die “Robijn doet de was bij” commercial denken waarin haar kleding opeens allemaal wit was terwijl ik haar altijd in van die Oililly-achtige setjes zie, maar dat zijn rimpeltjes in verder één grote vijver van persoonlijkheid: een olijke Brabantse met een Marc-Marie-achtige tongval, maar dan op een prettigere frequentie. Dat kán het niet zijn. Streep! Heb ik dan een hekel aan boeren? Ik? De man die z’n hele puberteit in het Veluwse Beekbergen heeft gewoond? Die als ie met z’n brommer langs de koeien reed altijd even z’n helm afdeed om de gierlucht lekker diep op te kunnen snuiven? Niet dus. Streep! Een hekel aan vrouwen dan? Dacht het niet. Streep! Misschien moet ik een niveau hoger denken. Want nu ik er bij stil sta kijk/keek ik eigenlijk ook nooit naar Take Me Out, Wie Kiest Tatjana, The Bachelor of Daten In Het Donker. Nu ben ik iets op het spoor. Ik kan blijkbaar niet tegen ‘eliminatieliefde’. Ik kan het niet aanzien dat de liefde een proces zou zijn van wegstemmen, dat liefde een afvalrace is. Dat een boer, samengeperst met twee vrouwen én een cameraploeg in 1 tractor iets te maken heeft met liefde zoals bedoeld: spontaan, onverwacht, zonder camera en zonder een presentator in je nek. Dat is het dus! Ik ben niet gek. Ik ben hoogstens een overdreven purist als het om TV-liefde gaat. Ok, vraag het me nog ’s als m’n huwelijk op de klippen loopt en ik na drie jaar vruchteloos parship.nl gevraagd wordt voor Cabaretier Zoekt Vrouw (Lolbroek zkt. Grapjurk) maar nu dus even niet. Ik word vast fan van Boer Zoekt Melkquotum, Boer Zoekt Speld In Hooiberg of Boer Zoekt Contactlens, maar voor nu laat ik de boeren even rustig een vrouw zoeken zonder mij. Ze zullen me niet missen.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
21-01-2011
Depri...
lees column...
Ruim 1 miljoen Nederlanders zitten aan de antidepressiva. In de TV-dcoumentaire ‘Iedereen Depressief’ die 2 weken geleden werd uitgezonden waren de geleerden het erover eens dat 60 tot 80% hiervan niet écht nodig is. Ik vraag me dan toch af hoe zoiets in de praktijk gaat?
T = Therapeut. K = Kees.
T Nou Kees, hoe gaat het?
K Heel goed. Ik heb het leuk thuis, op m’n werk, ik voel me
goed. Dus…
T Dus?
K Nee niks, ik was klaar.
T Waarom zeg je dan ‘Dus…’
K Dus?
T Nou zeg je het weer.
K O gewoon… ‘dus’
T Kees je zegt nou tot 3x toe in héél korte tijd ‘dus’. Wat wil je daar mee zeggen? Ga maar zoeken…
K Dus ik moet nou…?
T En da’s 4… hoor je ’t zelf nog wel, die dus-afwijking van jou?
K ‘Dus-afwijking’?
T En 5! Wat betekent dat ge-dus allemaal zeg? Lawe’s kijken. Met jou gaat het allemaal goed zeg je ‘dus’ je zit hier? Nou, dàt klopt niet he Kees?
K Nee
T Eigenlijk zeg je ‘dus’, maar je bedoelt ‘maar’: het gaat goed ‘maar’ ik zit hier.
K Nou…
T ‘Dus’ eigenlijk gaat het helemaal niet zo goed.... want anders zat je hier niet.
K Ehhh
T Kijk nu komen we ergens. Dat is een hele belangrijke stap Kees die je net gezet hebt. Het erkennen van je probleem. Nou… waarom ben je hier?
K O, ik dacht ach het kan nooit kwaad.
T ‘Kwaad’… Da’s een donker woord he Kees. ‘Kwaad’
K Ja als je het zo zegt.
T Nou jij zegt het. Ik heb niet gezegd dat je het woord ‘kwaad’ moest gebruiken. Ben je kwaad?
K Eehhhh… nee ik geloof het niet.
T Waarom ben jij zo kwaad Remco?
K Geen idee.
T Dus als ik het mag samenvatten Kees, dan dénk je dat het goed met je gaat, ‘maar’ je zit hier, ‘dus’ eigenlijk gaat het helemaal niet goed want je bent ‘kwaad’, maar je weet niet waarom. Klopt dat?
K Pffff… wiskundig klopt dat ja.
T Nou Kees, dan hebben we vandaag heel veel bereikt. Ik geef je straks een klein receptje mee, moet jij eens opletten. Volgende week zelfde tijd?
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
14-01-2011
Voornemen
lees column...
Voornemen!
Ik heb een goed voornemen: ik ga een boek schrijven. Uit onderzoek is gebleken dat ik dat voornemen deel met nog een kleine miljoen Nederlanders, maar ik ga het wél echt doen. Een hele serie! Ik weet niet hoe u het gaat aanpakken, maar ik zet in op kinderboeken. Dat moet ik even uitleggen: in 1999 stonden Richard en ik in de finale van Cameretten. Marc-Marie Huijbregts won het festival toen en er is een zinnetje uit zijn programma me altijd bijgebleven. Hij citeerde een vriend van Annie MG Schmidt, die haar adviseerde; “Annie, als ge iets niet zo goed kan, moet ge het maar voor kinderen gaan doen”. Aldus Marc-Marie was het de start van het succesvolle deel van Annie MG’s carrière als schrijfster. Zin of onzin, ik ben die zin in ieder geval nooit vergeten en omdat ik haast zeker weet dat ik dat boeken schrijven niet zo goed kan, ga ik het maar gelijk voor kinderen doen. En ik heb al een heel goed idee. Moet u zich voorstellen, een serie boekjes over een klein wit konijntje. “Reuze origineel” hoor ik u denken, maar dit is echt anders. Deze boekjes gaan namelijk over een konijntje dat maatschappelijke thema’s aansnijdt. Dingen bespreekbaar maakt voor kinderen die tot op heden onaangeroerd bleven door Kikker, Dikkie Dik, Woezel & Pip of die vermaledijde Nijntje. Korte bondige verhaaltjes met en sterke moraal! U wil een voorbeeld? Een boekje over een konijntje met een alcohol verslaving: “Wijntje drinkt niet meer”. Of een konijn met een eetstoornis: “Lijntje gaat te ver”. Een konijntje dat de Islam de hele tijd schoffeert? “Zwijntje slaat door”! Een konijn in oorlogsgebied of een Chileens konijn: “Mijntje graaft een gat”. Een suïcidaal Konijn? “Het laatste avond-uur van Eindje”! Dat soort titels. En zo kan ik nog even doorgaan. Een besneden konijn? Rabijntje. Een konijn met een groeistoornis? Kleintje! De mogelijkheden zijn eindeloos. Maar ook wat luchtigere thema’s hoor. Een konijntje dat hoogbegaafd is? Breintje. Een konijntje dat last heeft van hypochondrie: Pijntje! Een Konijn met een Bert Visscher complex, Geintje! Een beetje onopvallend konijn? Dertien in een Dozijntje! Een heel goedkoop konijn? Schijntje! Etcetera, etcetera. Dat slaat toch in als een bom!? Wat een goed voornemen! Mulisch is dood, lang leve Veldhuis. En nou niet gaan zeggen; “dat wordt toch niks”. Een creatief voornemen is altijd uw voordeel van de twijfel waard. Moet u zich voorstellen wat er was gebeurt als de mensen rond Michael Angelo destijds tegen hem hadden geroepen. “He hou ’s op met dat geklieder op het plafond”…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
07-01-2011
Wensen
lees column...
Wensen
Ik weet niet hoeveel zogenaamde persoonlijke groeps-sms-jes u heeft ontvangen deze dagen
maar bij mij kon het niet op. Ze buitelden over elkaar heen, elkaar overtreffend in mooie
spreuken en diepgewortelde wensen. Ik twijfel niet aan de oprechtheid ervan hoor, maar ik
wordt stiekem – zo vlak na de oliebollen - soms een klein beetje misselijk van alle
superlatieven die vechten om de hoogste plaats in bijzonderheid. Zo levert een kleine
samenvatting uit de sms-jes op dat 2011 voor mij een: “wereldwaanzinnig, zonnestralend,
superbruisend, zeer succesvol, vreselijk vruchtbaar, berebijzonder, meesterlijk mooi, grotesk
& gelukzalig, lustig & liefdevol, vredig, relaxed en gillend grappig” jaar moet worden.
Nou dat kan alleen nog maar tegenvallen, ik word al moe als ik het lees. Wat is dat toch van
ons nuchtere Nederlanders die hooguit 2 x per jaar ‘ik hou van je’ tegen hun partner zeggen
maar zich met Nieuwjaar uitleven in hartekreten waar Oprah een puntje aan kan zuigen? En
dat is nog kinderspel in vergelijking met alle wensen van bedrijven die de afgelopen weken in
onze brievenbus vielen. Je ziet de directies zitten, zwetend in hun tl-verlichte kamertjes
tijdens de belangrijkste brainstorm van het jaar. “Jongens, we gaan dit jaar eens wat origineels
doen!”. De oogst? Daar gaan we; de aannemer wil met ons ‘bouwen aan een prachtig 2011’,
de kabelmaatschappij wenste ons ‘geen sneeuw’ met de kerst, MacDonalds wenste ons
een ‘Maccy Christmas’, de bestrater hoopte ook volgend jaar weer ‘een steentje bij te kunnen
dragen’, de sportschool wenste ons een ‘spierwitte kerst’, Schiphol vond dat het jaar toch wel
weer ‘voorbij gevlogen was’ en de bakker wenste ‘ons rust en vrede in onze bolletjes’ en ‘dat
alles maar gesmeerd mag verlopen’... Als klap op de vuurpijl wenste Spa Bronwater, Moët en
Chandon, de Carwash, Alcazelzer en Supradien Complex Forte, Freixenet en OMO Oxygen
ons een ‘bruisend’ Nieuwjaar... Het komt allemaal uit een goed hart, ik weet het, maar bij
zoveel huisvlijt moet ik altijd denken aan de beste slogan ooit die ik eens op een cement-
vrachtwagen heb zien staan: “Cest le beton, qui fait la musique’. Daar gaat niemand meer
overheen. Nu kan ik zelf natuurlijk niet achterblijven met een super-, allesovertreffende,
originele wens voor het nieuwe jaar. Ik heb er lang over nagedacht en iets gevonden dat alles
wat ik u wens samenvat in één krachtig statement en je bijna niet meer hoort. Komt ie:
Gelukkig Nieuwjaar!’
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
24-12-2010
Duitsers
lees column...
Ik ontvang al jaren omstreeks deze tijd een kerstpakket. Voor wie het bestemd is weet ik niet want er staat alleen mijn adres op. Elk jaar neem ik me voor om het naar het postkantoor te brengen, maar doe dat eigenlijk nooit. Dit jaar is de basis een gammel koffertje. Het lijkt bedoeld voor meermalig gebruik, maar als ik het openrits heb ik de draagbeugel én de rits in m’n hand. Made in China staat er op het label… Verassend. De ‘heerlijkheden’ liggen op een bedje van stro. Heel kerstig! In een kleurig doosje zit een Weihnachts tulbandcake van het merk Tuliba. Hoe komen ze er op!? Ik maak ‘m open. De vorm van de tulband op het doosje lijkt in niets op de berg kruimels met stukjes gekonfijt plastic in het transparante zakje. Er zit een lint bij om ‘m in de kerstboom te hangen. Mits ik een plotselinge opwelling krijg om te puzzelen en een flinke tube secondelijm vind zit het er niet in. Huppeta, op het vogelplankje dan maar. De mezen vechten om de ‘vruchtjes’. Mooi zo. Ah, een pot knakworstjes van het merk Holiday. Even de ingrediënten lezen. Rindfleisch 2%, Schweinefleish, 4%. Übriges Fleisch 7%. Übriges Fleisch!? Wat dan? Paard? Hond? Chinees? Of is een Übriges een beest en weet ik dat niet. Het is 13% vlees per knakworstje! Wat is de rest dan in godsnaam? De pot bij het gebruikt glas en de rest in een bakje voor de egels. Wie weet, eten ze hun platgereden Duitse broertjes wel op. Vandaar misschien dat doosje zwart wit gestreepte prikkertjes er bij. Ernaast ligt een blikje Hischpaté van het merk Hupla. Hertenpaté… Ik maak het open. Ik herken de lucht meteen. Sheba! Met maarliefst 17% ‘Hirsch’… Ja daaag! Hupla in de bakjes voor de katten dus. Tot slot zit er een stukje kaas in. Käse vom Bauer. De ‘Bauer’ op het plaatje lijkt als twee druppels water op Frans Bauer? Zou het familie zijn? Niet belangrijk, want m’n huis ruikt in een mum van tijd naar m’n sokken uit m’n pubertijd en dus gaat ie in blokjes in onze diervriendelijk muizenvallen. Dat wordt smullen jongens! Tenslotte doe ik het stro in een zakje voor als ik met dochter nog even langs de kinderboerderij ga, Hirsches voeren! Daarom breng ik ’t pakket dus nooit terug. Er zit hier overigens nog ergens een grap in over reCYCLE en ‘geef m’n fiets terug’, maar ik sluit liever af met een fijne kerstgedachte: je kan veel zeggen over die Duitsers, maar ze zorgen wel goed voor onze dieren!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
17-12-2010
B.T.W.
lees column...
U treft me in een serieuze bui. Afgelopen maanden is er veel te doen geweest om de btw-verhoging op o.a. theaterkaartjes. In Nederland geldt 6% btw op goederen die een ‘eerste levensbehoefte’zijn en 19% over zg. ‘luxegoederen’. De kernvraag is dus: is kunst een eerste levensbehoefte of een luxegoed? Ik denk het eerste. Kunst verwart, stelt vragen, laat je ontladen, lachen, huilen en vooral relativeren. Kortom: een voorstelling doet soms meer dan een psycholoog! En volgens mij is dat met bijna 1 miljoen mensen aan de anti-depressiva broodnodig. De 6% btw op theaterbezoek is in 2001 ingevoerd als tijdelijke regel. Omdat blijkt dat er sindsdien nauwelijks mensen met een dunnere portemonnee naar het theater zijn gekomen, zeggen voorstanders van de verhoging dat we het niet hoeven laten voor mensen met een kleinere beurs. Ik denk dat het andersom anders werkt. Er zullen mensen die het zich nu nog net gunden om naar het theater te gaan misschien afhaken. Uiteindelijk hoop ik natuurlijk dat het net zo gaat als met de euro. Je schrikt je even rot en opeens ben je gewend. Waar het pas echt begint te wringen is de combinatie van de btw-verhoging met de onevenredige bezuinigingen die parallel lopen. Zo’n 20% op theater waar het gemiddelde in andere sectoren 8% is. Zelf hebben we nooit een cent subsidie ontvangen en zouden we een voorbeeld kunnen zijn van ongesubsidieerd theater dat werkt. Nee dus. Want we hebben veel profijt gehad van subsidie aan anderen (en daarmee ons publiek). Door geïnspireerd te raken door experimenten van theatermakers waar de zalen niet vol zaten maar wij dingen zagen die ons hielpen in scènes voor een groter publiek. Door met opgeleide mensen te werken die ons dingen leerden die we zelf nooit hadden uitgevonden. Door in dorpshuizen - gedreven door vrijwilligers - te spelen en zodoende het vak in de schaduw te leren met vallen en opstaan. Door met muzikanten te spelen die ooit begonnen zijn op een lokale muziekschool waarvan er nu veel dreigen om te vallen. Door nu zo heftig te snijden verdwijnen veel van deze plekken, experimenten en mensen. En dat gaan we op langere termijn merken in wat er straks in de theaters te zien is. Het is dus vooral de combinatie van btw en bezuinigingen die me tegen de borst stuit. Alsof je tegen een cafébaas zegt: je prijs moet omhoog, je moet dus nóg lekkerder koffie serveren willen mensen dat betalen, maar je lekkere espresso-apparaat nemen we mee. Doe het maar met filterkoffie. Slappe bak.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
11-12-2010
BeSint...
lees column...
Ik hoef u als ‘Vrij’ lezer niet uit te leggen dat Santa Claus een verbastering is van Sinterklaas. Zeg Sinterklaas maar ‘ns een paar keer op z’n oud Amsterdams! Het was Coca-Cola die de traditie van geëmigreerde Hollanders begin vorige eeuw ‘leende’ als inspiratiebron voor hun icoontje voor de kerst. Ze namen de Sint z’n mijter af, maakte hem dikker (het is wél Amerika) en vervingen de Zwarte Pieten vanwege allerlei gevoeligheden in het door racisme en segregatie verscheurde Amerika voor rendieren. Ze behielden z’n rode kleding, z’n witte baard en z’n vrijgevigheid: en zie daar Santa Claus! Nu 100 jaar laten zitten we muurvast aan de beste man. “Vieren jullie Sinterklaas of Kerst?” is ineens een vraag. Slim hè! Sinds die truc(k) van Coca-Cola hebben veel bedrijven de droom ook ooit een feest te worden. De meesten komen echter niet verder dan het ‘gijzelen’ van een feestdag. Hallmark en TNT hebben het ±1600 jaar oude Sint Valentijnsdag te pakken. De Staatloterij doet Koninginnedag en de chocolaatjes van Merci proberen zich met nog 1000 andere merken alsnog in de kerst te wurmen. Zelfs de voor Nederland relatief ‘nieuwe’ feestdagen ontkomen er niet aan. Het zal niet lang duren of bij elk van hen hoort ook een merk. Weightwatchers bij het begin van de Ramadan? CSM of Prodent bij het Suikerfeest? Eneco of Janssens Brandpreventie bij het Lichtjesfeest? Merken zijn nou eenmaal dol op feestdagen en ze zullen niet rusten voor het succes van Coca-Cola is overtroffen. Zelf heb ik ooit in m’n reclameverledentje in opdracht van een groot biermerk een nieuwe feestdag moeten bedenken. Het werd Happy Midyear, oftewel ‘Gelukkig Halfjaar’. Ja ja, ik weet het; een slecht idee, maar wel een ‘bier-proost-moment’ dacht ik zo: terugkijken naar hoe het mislukken van de goede voornemens verloopt en vooruitkijken naar wat nog wél haalbaar is voor de jaarwisseling. Ik ben blij dat het er niet is gekomen, maar het zal een kwestie van tijd zijn voordat De Bijenkorf met het ‘Drie Dwazen uit het Oosten’ festival komt, Albert Heijn de St. Bonus-week in het leven roept, Shell de St. Brandstoffel-processies inzegent en Verkade de Nacht van de Heilige Maria Biscuit bedenkt. Want feesten zullen ze, die merken. Moet je voorstellen dat je een nieuwe Santa Claus te pakken hebt: over 100 jaar denken de mensen dat het traditie is! Goud! Maar grote bedrijven van Nederland doe ons een lol; beSint eer ge verSint! Want dankzij jullie zitten we al met twee heiligmannen in 1 maand en da’s druk zak… eh, zat.
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
06-12-2010
Beste Geert,
lees column...
De Chileense mijnwerkers hadden het makkelijker dan jij deze dagen. En je bedoelt het zo goed. Als leider van een nieuwe partij vroeg je op elke straathoek waar mensen zich aan ergerde: in Den Haag verdienen ze teveel, de maximum snelheid en inburgeringseisen moeten omhoog, de AOW-leeftijd omlaag. Ziedaar; een programma. Je huurde een paar cabaretiers in die dat omzetten in scherpe oneliners, je slikte een paar potjes angstonderdrukkers en daar ging je: Burka’s werden ‘Pinguin-pakken’, de Koran de Donald Duck en collega’s ‘knettergek’. De dingen moesten maar eens gezegd worden! Wat een succes. Voor je het wist moest je de fractiegenoten wegtrekken van dezelfde straathoeken. Maar die vervloekte media... De één blijkt is schooldirecteur, de ander een ex-politieagent die doorrijdt bij een alcoholcontrole, je hebt een burenruzieschopper en een enthousiaste jongeling die weleens wilde weten of ie ook een ‘Zindane-tje’ kon. En dat zegt de media allemaal zomaar; zo oneerlijk! Geert, met je partij komt het niet meer goed vrees ik. Zonde, want je hebt zo hard gewerkt aan de naam ‘PVV’. Mijn advies; uithuilen en opnieuw beginnen. Met dezelfde naam, maar dan als de ‘Partij Voor Vakantie’! Net zo populair bij alle Nederlanders dus succes verzekerd! En je kan er zoveel mee. Slogan? “Alle Nederlanders het land uit!”. Landgenoten worden Strandgenoten, proefballonnetjes worden luchtballonnetjes, je manifest een manizwemvest en het zero tolerance beleid vat je samen met “Al heeft u hier nog zoveel te zoeken, ga als de sodemieter boeken”. Programmapunten: de klimaatverandering gaat veel te langzaam (want het is hier koud), inburgeringscurssen worden verplichte uitburgeringscursussen, je credo wordt “minder blauw op straat, meer in de lucht!”, zonnebrillen in het basispakket, wintertijd schaffen we, net als de winter zelf, af, het 8 uur Journaal alleen nog door Sacha de Boer in bikini gepresenteerd, ons volkslied wordt “’t was aan de Costa del Sol”, belastingverlaging voor voortentdelers, overheidssubsidie op aanschaf van een caravan en de hypotheekrenteaftrek t/m 5e huis in het buitenland wordt in ere hersteld. En dat allemaal onder het motto: “Yes, We Camp!” Beste Geert, volgens mij zit je dan geramd! In één keer verlost van lastige fractiegenoten en een nieuwe partij onder dezelfde naam met nóg populairdere strandpunten. Bijkomend voordeel: Zwarte Piet mag gewoon blijven komen, want ja; dat blijft toch een buitenlander.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
22-11-2010
Wian?
lees column...
‘What is a name?’ moet daar staan, maar de kop mag maar 9 tekens hebben. Vandaar de afkorting. Ik wil het namelijk met u hebben over namen. Ik denk al lang na over een naam voor ons tweede kind. Niet dat we zwanger zijn hoor. Gewoon, je kan maar voorbereid zijn in deze tijden. Mijn naam is namelijk een treurige product van de van de jaren ‘70. Net als alle andere Remco’s, Peters, Eriks, Jeroennen, Erwins en Richards… Ze neukten zich in de rondte, maar hoe dat gebroed allemaal moest heten wilde ze blijkbaar niet teveel tijd aan besteden. Nu daarentegen!? Wat er bij mijn dochter op de crèche aan vogels, weertypes, fruit, bloemen en diersoorten rondloopt geloof je niet. Mees, Storm, Beer, Kers, Peer, Sterre, Vlinder, Muis, Bloem etc. Je kan dan toch echt niet aankomen met iets als Remco. Bovendien lijkt een naam behoorlijk toekomstbepalend. Neem nou wat Johnnen. De Mol, Van den Heuvel, Ewbank, Van der Eerd; allemaal zo’n beetje de beste in hun vak. Zelf John de slager (de beste vriend van Richard) is gelijk de beste slager van Amsterdam. En je hoeft een maar 1 lettertje naast te zitten en het is een heel ander verhaal: Johan Vlemminx... Dat deze Richard en Remco het überhaupt nog zover hebben geschopt is een gotspe. Want noem nou eens wat groten met die namen. Krajicek en Campert verder kom je niet hoor. En dat terwijl het barst van de Remco’s en Richard’s. Nee, je moet verdomd goed weten wat je doet tegenwoordig. En vooral ook verder kijken dan die kinderneus lang is. Vlinder is nu nog leuk, maar wat als Vlinder straks Directrice van een VMBO is.. “Ga jij je maar melden bij Vlinder!”. Of Storm politicus… Stem Storm! Of weerman: “En voor het weer gaan we over naar Storm.” Goed nadenken dus. Ook omdat sommige combinaties van voor- en achternaam niet fijn zijn. Peter Deauville lijkt onschuldig. Tot dat het op een visitekaartje staat: P. Deauville. Zelfde geldt voor Anita Naal, Karel Lesaque. Om van Cas Plant, Dick Tevreden, Ben Dood, Wil Meer, Ray Dactie en Maarten April en nog maar te zwijgen. En dan zijn er ook nog eens namen die (ineens) uit de gratie raken: Adolf, Osama, Joran of Dries. Maar dan doe je er niks meer aan. Lastig hoor. Misschien moet ik wel gewoon eerst maar eens de vraag stellen waar ’t allemaal mee begint: schatje, wil jij eigenlijk wel een tweede? Die naam komt dan later wel. Ik hou het voorlopig even op Wian. Niet eens zo gek...
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
19-11-2010
11 november
lees column...
We hebben het in Noord-Holland net weer gehad; Sint Maarten. Kinderen lopen met lampionnen langs de deuren, zingen liedjes en krijgen dan snoep. Best een bizarre gewoonte anno 2010 toch? Even ‘googelen’ levert op dat de oorsprong iets te maken heeft met ‘bedelen’ en ook met ‘vruchtbaarheid vieren’. Die combinatie klinkt dan weer wél logisch in deze tijd van ernstig ‘single’-vrouwen-overschot met dringende kinderwens. “Goedenavond, ik zit midden in mijn eisprong en nu hoor ik dat u nogal vruchtbaar bent. Als ik nou een liedje zing zou u dan misschien even…”. Misschien komt dat ooit nog. Nu is het een echt kinderfeest dat er ook nog wel bij kan in deze hectische ‘hoe-krijg-je-je-kinderen-in-zo’n-kort-mogelijke-tijd-hélemaal-gek’-weken. Als aangesloten papa nam ik de taak op me om St. Maarten met de jongste van 5 te doen. Ik sloot me aan bij een paar andere moeders om eerst samen te eten en dan met een paar andere kindjes langs de deuren te gaan. Leuk idee, nooit meer doen! De ‘paar’ andere kindjes bleken er 14 te zijn, buiten was het windkracht 6, het onweerde, bliksemde en de kinderen zelf bleven liever televisie kijken of in de verkleedkist hangen. Maar aangezien alle moeders vonden dat St. Maarten bij de opvoeding hoorde én er een stoere vent bij was (nu opeens wel) liep ik voor ik het wist om 18.30 uur als enige ouder met 14 tegensputterende kinderen de straat in. Om 18.34 uur was de helft van de lampionen stuk of weggewaaid, 7 kindjes wilde naar huis en de rest stoof steeds een andere kant op. Heel anders dan in mijn eigen jeugd, maar ik had dan ook geluk. Wij hadden namelijk een meneer met Alzheimer in de straat waar we gewoon 34 keer opnieuw aanbelden. Nooit moe en veel snoep. Nu kwam ik drie kwartier later kapot met het hele zootje en 7 kilo snoep weer binnenvallen. “Goed dat we toch even doorgezet hebben hé” zei een moeder terwijl ze nog een slok wijn nam. Thuis, in onze eigen straat wilde de kleine nog “hééééél even”. Tuurlijk schat. Bij het vierde huis deed er nogal een forse vrouw open. Mijn jongste zette meteen in: “Sinte Maarten mikmak, mijn moeder is een dikzak etc”. De lieve mevrouw zei lachend “Ik ken jouw moeder en die is helemaal niet dik” waarop mijn jongste sneller dan het licht antwoordde “Nee, maar jij wel!”. Ik greep natuurlijk meteen in. “Dat zeg je toch niet! Zeg eens netjes ‘u’ tegen die dikke mevrouw”. Laat dat opvoeden maar aan mij over. Op naar die andere Sint!
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
14-11-2010
@#*X%
lees column...
Als er een onderscheiding voor ’s lands slechtste klusser zou zijn, zou mijn vrouw mij gisteren nog voordragen, en het beoordelend comité me vandaag nog onderscheiden tot ‘Opper maarschalk in de Orde van Totale Chaos’. Ik ben er zo slecht in. Maar stoppen met klussen ho maar. Er was iets met een ezel en een steen, maar ik weet ook na 42 mislukte grote en kleine projecten van geen ophouden. Neem afgelopen weekend. Onze dochter is uit de box gegroeid en dus wordt het tijd voor een speeltafeltje op die plek. Wij op pad. Na een teleurstellende zoektocht vinden we slechts twee afgeprijsde en toch nog hysterisch dure “ohhhh, die moeten we hebben” stoeltjes. Geen tafeltje. Ook nog even langs onze locale kinderdealer en zie daar: een ongelakt, iets te hoog, beetje boers tafeltje. Voor een tientje! Een dief van je eigen portemonnee als je die laat staan. Mijn vrouw merkt terecht op dat het boerse tafeltje totaal niet in ons interieur past. “Ik toch ook niet” pareer ik haar opmerkzaamheid maar beloof ook plechtig dat ik nog dit weekend het tafeltje in zal korten en zal voorzien van een lik witte verf. “Jijzelf!?” vraagt ze bang. “Jezus schat, dat kan ik toch wel!?” sis ik haar toe maar haar blik spreekt boekdelen. Om een heel lang verhaal kort te maken ga ik nu over in telegramstijl: Naar bouwmarkt verf kopen. Grondverf vergeten. Dan maar direct met hoogglans. Verf anders dan stoeltjes. Verf ruilen. Kan natuurlijk niet. Verf bijkopen. Pootjes ingekort. Onverklaarbaar verschil in lengte pootjes. Diverse zaagsneden verder pootjes eindelijk gelijk. Verven! Bruine strepen? Oude kwast niet schoon. Naar bouwmarkt nieuwe kwast kopen. Nieuwe kwast in de rui. Overal haren. Lijkt of kat op tafeltje heeft gelegen. Verf droogt niet. Garage te koud. Tafeltje binnenshuis zetten. Verf op vloer in huis. Verf aan kleren. Vrouw woest. Resultaat 1e dag: Een wit met bruine strepen harig tafeltje, garage een slagveld en geen kus voor het slapen. 2e dag: Vroeg op. Tafeltje niet droog. Toch schuren. Schuurpapier plakt aan tafel. Nu haren én zand in verf. Hoogte checken. Te laag. Afgezaagde delen halveren en erop timmeren. Hout splijt. Dan maar lijmen. Lijm droogt niet!? Lijm niet geschikt voor hout. Andere lijm kopen (zondagopening, godzijdank). Tafeltje inmiddels 73 euro. Pootjes verlengd. Blijkbaar scheef gezaagd, pootjes scheef! Tafeltje rechtop zetten. Vuil van werkbank plakt aan tafeltje. Komt later wel. Eerst hoogte testen mét dochter. Tafeltje nou weer te hoog. Dochter verf aan handjes. Dochter moet van tafeltje. Dochter krijsend over vloer. Nog meer verf aan vloer. Vrouw vindt tafeltje spuuglelijk. Tafeltje in buitenhaard. Tafeltje brandt als de nete… @#*X%
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
08-11-2010
Mitsen en Maren
lees column...
Je mag het eigenlijk niet zeggen (en als cabaretier al helemaal niet), dus daarom schrijf ik het maar: ik mis Balkenende een beetje. Vorige week was de regeringsverklaring van ons nieuwe kabinet. Het Haagse circus introduceerde een rij nieuwe en oude gezichten; fractieleiders, ministers, staatssecretarissen en de - hoe noem je zoiets - ‘gedoogleider’. De dagen erna wierp de media zich op de analyse. En dan vooral op de manier waarop de acteurs hun rol in het Haagse stuk speelden en niet zozeer op wàt ze precies zeiden. Hoe vaak interrumpeerden ze, hoe comfortabel stonden ze bij de microfoon en hoe was hun ‘debating style’? Ik las in een dagblad een overzicht met meest pakkende quotes, aantal interrupties en let op: een persoonlijk rapportcijfer voor grappigheid. Het is een beweging van na de moord op Fortuyn. Want voor of tegen, één ding hadden we geleerd; “hij bracht de politiek weer bij de mensen”. En daar zouden ze in Den Haag nu wat aan doen. Resultaat? Een oneindige rij spindocters, media-trainingen en twitterende kamerleden. Degene die het snelst een duidelijk statement kan maken, liefst met een grapje erin, wint. Getuige het succes van collega-cabaretier Geert W. Ik ben niet zo enthousiast over al die grappige politici in Jip & Janneke taal. Allereerst natuurlijk omdat ik me met al die humor ernstig in mijn broodwinning bedreigd voel. Maar vooral omdat ik vind dat een goede politicus een beetje saai moet zijn. Iemand die tassen vol dossiers op z’n fiets gooit en elke nacht doorspit waar wij met z’n allen geen zin in hebben. Om er dan iets verstandigs over te zeggen. Iets met mitsen en maren. Want wajong, begrotingstekort, woningmarkt en ziektekosten lijken me ingewikkelde zaken waarin het één altijd weer met ‘t andere te maken heeft. Een verstandige opvatting laat zich moeilijk vatten in 12 seconden. Dus steeds als ik weer een kamerlid hoor strooien met kekke quotes denk ik; wéér eentje die op de mediatraining zat in plaats van dossiers te lezen. Ik stel voor dat politici gewoon weer 1 x in de 4 jaar zeggen waar ze voor staan en vervolgens een paar jaar uit die gedachte handelen. Op hun kantoor, in de Tweede Kamer, op werkbezoek, thuis aan hun bureau. En laat de grappen dan maar weer aan ons over. Ieder z’n vak. Anders zien wij ons genoodzaakt om een eigen politieke partij op te richten. De Veldhuis & Kemper Partij met als slogan “De VKP kent het dossier”. Vragen we Balkenende wel of ie tijd heeft om ze te lezen. Maken wij de grappen…
sluit column...
01-11-2010
Aanstaande ex
lees column...
Het zat er al tijden aan te komen, maar toch voelt het als onverwacht. Na 245 keer stopt ons cabaretprogramma We Moeten Praten. Schreef Richard een paar weken terug nog dat ie ‘zwanger’ was van een nieuw programma, voelt dit alsof je de liefde van je leven op een trein naar De Vergetelheid zet terwijl je nog hartstikke verliefd bent. In gedachte zie ik de trein in de verte verdwijnen en onze tijd samen flitst aan me voorbij. We hebben zoveel met elkaar opgetrokken, we kenden elkaar door en door, zij zorgde voor mij en ik voor haar. Elke avond beleefden we gelijktijdig een hoogtepunt en het was nooit, maar dan ook nooit voorspelbaar hoe een avond met haar zou verlopen. Ze was de minnares die nooit klaagde dat ik weer naar m’n vrouw moest, en beter nog, andersom ook niet! Ik heb zoveel met en om haar gelachen en nu verdwijnt ze langzaam maar zeker uit beeld. Ik hoor ‘t mezelf tegen haar zeggen; “het ligt niet aan jou schat, maar aan mij, ik moet verder”. Dus neem ik afscheid. Voorgoed, want zelfs bij ‘In de Hoofdrol’ zullen ze hoogstens wat flarden van haar laten zien, als het al ooit zover komt. Deze scheiding is definitief en rücksichtslos. Wat er overblijft? Een doos vol herinneringen en een DVD! Maar die kijk je maar heel soms. Omdat zij je fijntjes zal helpen herinneren aan het feit dat jij alsmaar ouder wordt, en zij niet. Heel misschien beleef je ooit nog wel eens wat hoogtepunten van jullie tijd samen in een weerzien, maar als je als cabaretier aan je ‘Best off’ toe bent, ben je meestal dicht bij stoppen dus daar wil ik nog maar even niet aan denken. Nee, het is gewoon een onomkeerbaar afscheid van een vrouw die ik intens lief heb leren hebben. Denk daar maar aan als u deze column toevallig op zaterdag 30 oktober rond een uurtje of 10 ‘s avonds leest. Want dan vertrekt haar trein, voorgoed… En om Marco Borsato maar eens even flink tegen te spreken; afscheid nemen bestaat wél. En dat gaat, net als de vorige keer, en beetje pijn doen. Dus zwaai ik, al handkussend, tot ze echt helemaal aan de horizon verdwenen is. En dan hup als de sodemieter naar m’n nieuwe vriendin! Want dat ik ondertussen niet kan wachten op de eerste openbare tongzoen met m’n heerlijk frisse, goddelijk strakke, onbevangen en gloednieuwe aanstaande ex, hoeft deze natuurlijk niet te weten, het is al zo moeilijk voor haar…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
25-10-2010
Puberen!
lees column...
Volgens mij ben ik aan het puberen. Nu kan je er gif op innemen dat als een 40-jarige man dat zegt, hij eigenlijk bedoelt “ik zit in een midlifecrises” maar dat ontken ik. Ik heb nog geen motor gekocht, ik laat mijn spijkerbroek niet opeens half op mijn kont hangen zoals mijn 14-jarige zoon dat doet, ik wil niet weg bij mijn vrouw en heb geen plannen voor een Bed & Breakfast op Ibiza. Een midlifecrises is het dus niet. Ik puber! Ik kom tot die conclusie door de ouderavond op de middelbare school van mijn zoon. Dat begon met een inleiding over het puberbrein. Met foto’s van de hersenen waardoor het een wetenschappelijk sausje kreeg. Er werd uitgelegd dat de hersenen van onze pubers nog volop groeien. Van achter naar voren. Aan de achterkant van de hersenen zitten de emoties. Agressie, verdriet, verliefdheid, lust en vooral de impulsen. Als laatste in de groeicurve komt pas de voorkant van het brein, de zogenaamde ‘prefrontale cortex’ aan bod. Maar dit is juist het controlecentrum die de consequenties van al die impulsen kan overzien. En zover zijn de pubers nog niet. Met andere woorden: de leeuw is los, maar de leeuwentemmer is er nog niet. Wij ouders werden geacht om tijdens de pubertijd van onze kinderen hun prefrontale cortex te zijn. “Vergeef hen, ze weten niet wat ze doen”. Herkenning trok door de aula. “Zo is het precies!”, hoorde ik veel moeders fluisteren. Behalve naast mij. Die zei namelijk zacht “Zo ben jij precies”. Sorry? We zaten hier toch niet op mijn ouderenavond? Maar ze heeft gelijk. Ik kan me opgeven als begeleider voor het schoolreisje om op de dag zelf om 10.00 uur al te roepen “Wat? Duurt dit een héle dag?”. Ik ga me nachtenlang te buiten aan een duik in de koelkast en roep dan geïrriteerd: “Deze weegschaal is ook al stuk!”. Ik kan een uur voor het kerstdiner nog wat relationele irritaties ter tafel te brengen en ben verbaasd waarom ze tijdens het etentje zo stil is. Of na een avond met vrienden in de stad half lam de slaapkamer binnenvallen en me afvragen waarom ze me nu niet de aantrekkelijkste man op aarde vindt. Gelukkig kwam op de ouderavond niet aan bod wanneer die prefrontale cortex is uitgegroeid. Waardoor ik nu een prima wetenschappelijke verklaring heb voor mijn gedrag. Dat komt gewoon nog! Tot die tijd is mijn vrouw niet alleen de prefrontale cortex van onze 2 pubers maar ook die van mij. Klinkt trouwens best romantisch toch? “Schat, jij bent de mooiste prefrontale cortex die ik ken”.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
15-10-2010
C-Factor!
lees column...
Het vak van cabaretier is razend populair. Dat bleek maar weer eens toen we een tijdje terug voor KRO’s Nederland te Koop op pad werden gestuurd. Er werd gezocht naar twee kandidaten voor een trio. Nou zijn we afzonderlijk van elkaar heus wel te porren voor een sexperimentje, maar Richards blote billen zien buiten de kleedkamer van een theater, nee dank je. Maar het bleek te gaan om een jongen die op zoek was naar twee medecabaretiers om voortaan gedrieën op te trekken in de vaart der volksvermakers. “Waarom cabaret? Waarom jij? Waarom drie?” vroegen we ons af, maar de verlegen jongen had er eigenlijk niet echt een antwoord op. “Omdat ik Marc-Marie goed na kan doen” is geen afdoende basis als je op het punt staat je leven te wijden aan het vak van ‘vallen en opstaan’ en ‘uithuilen en opnieuw beginnen’. Zo’n beetje iedereen kan Marc-Marie namelijk goed nadoen. Maar toch wilde ie het... heeeeel graag. En dat snap ik wel. Want aan de top van dat lijstje van bijna 300 artiesten die zichzelf tot de cabaretiers rekenen staan razend populaire solisten, kekke duo’s en top trio’s die bijna altijd wel ergens op tv of radio te vinden zijn. Al grappen strooiend en geld verdienend! En dat ziet er aantrekkelijk uit. Wat ‘gewone’ mensen op een schoolplein, een verjaardag of kantoor doen, doen zij voor hun beroep en het allermooiste is nog wel dat je er in tegenstelling tot een pop-idool of musicalster he-le-maal niet goed hoeft uit te zien! En dat maakt het vak van cabaretier bereikbaarder dan welk ander theater- of tv-vak. Je kan dan ook wachten op ‘So You Think You Can Make Them Laugh’, ‘Op Zoek Naar Youp’ of The C-Factor. Jawel, ik schreef er al eerder over, nog een talentenjacht! Weg met de schaamte en hup met je beste schoolplein-, verjaardag- of kantoorgrappen auditie doen! Het zal mij benieuwen wie er deze week in de laugh-off zit en of ze allemaal door de imitatieronde heenkomen. Sms HAHA3 om jouw kandidaat in de show te houden! En de hoofdprijs? De oudejaarsconference doen. Het script ligt al klaar, je hoeft het alleen maar uit je hoofd te leren! En als nou iedereen die Marc-Marie goed na kan doen op de auditierondes komt en vervolgens ook kijkt, kan het nog wel een hitje worden. Mocht de C-factor er nou komen hoop ik in ieder geval dat het op zaterdag wordt uitgezonden. Dan staan Richard en ik tenminste zeker weten in het theater. Marc–Marie na te doen natuurlijk!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
07-10-2010
Zwanger!
lees column...
Ik ben zwanger. Het klinkt misschien raar uit mijn mond maar alle verschijnselen zijn er. Ik ben prikkelbaar en lig nachten wakker of het allemaal wel goed zal gaan. Ik heb angstaanvallen, moet de hele tijd plassen en thuis word ik ontzien. Ik weet nog niet wat het wordt maar kijk reikhalzend uit naar de dag dat het komt en hoop dat alles dan goed is. En dat is precies 9 maanden nadat we besloten dat we ‘het’ gingen doen. Ik heb het over ons nieuwe programma en ‘we’ zijn Veldhuis en ik. Nog een paar weken en dan hebben we ons huidige cabaretprogramma ‘We moeten praten’ 2,5 jaar door Nederland gespeeld en nemen we afscheid van elkaar. Het programma en wij dan, want met Veldhuis ben ik nog lang niet uitgepraat. Sterker nog; tijd om iets nieuws te maken! ‘Dan maar niet gelukkig’ gaat het heten. Je roept eens wat en voor je het weet staat het in 100 schouwburgboekjes. Schrijven dus! Soms zit je eerst uren naar een leeg A4-tje te staren en schrijft dan tot diep in de nacht het meest briljante stuk dat er ooit in de cabaretgeschiedenis is gemaakt. Om de volgende ochtend bij het doorlezen naarstig te zoeken naar de passage die je ‘briljant’ vond toen je in slaap viel. De andere keer blader je wat door de aantekeningen ‘afvallers’ en kom je iets tegen wat een hoogtepunt in je nieuwe show wordt. Rare bezigheid. En dan… de eerste try-outs. Zoiets als voor de eerste keer met je baby naar buiten gaan. Jij vindt het ’t mooiste kindje van de wereld maar als de buren na één blik in de bugaboo zeggen “Nou ja, het is gezond” weet je genoeg. En als ze enthousiast zijn is het ’t mooiste wat je kan overkomen. Zover is het nog niet, het mag nog even groeien. Ik heb net een berg nieuwe stukken naar collega Veldhuis gemaild. Voelt hetzelfde als je kind op schoolkamp sturen. Je weet dat het terugkomt, maar hoe? Ongeschonden of onder de krassen? Uiteindelijk is het natuurlijk allemaal zoals onze collega, de hooggeëerde mevrouw B. Kaandorp het ooit heel simpel aan ons uitlegde: “Jongens, niet zeuren! Een nieuw programma maken is verschrikkelijk en dat is maar goed ook, want anders ging iedereen het doen”. Kijk, daar fris je van op! Dus tot ziens, ik moet schrijven. Maar eerst nog even plassen.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
01-10-2010
Een je-weet-wel-man…
lees column...
Ik ben koud een maand of negen vader als ik in een aflevering van Netwerk val die ik niet had willen zien. Zit ik me de hele tijd druk te maken over stijgende zeespiegels, co2 uitstoot, klimaatverandering en smeltende ijskappen, blijkt dat ik stiekem een medeveroorzaker ben van een veel groter probleem: overbevolking! Niks spaarlampen, hybride zelfmoord Toyota’s, vleesvervangers, eco-katoen en FSE-hout. Nee, ik zou de wereld een veel groter plezier doen met een sterilisatie. Een je-weet-wel-man worden. Lekker dan, net nou ik een beetje aan m’n kind gehecht begin te raken. Uit die uitzending van Netwerk bleek dat als je drie keer met je ogen knippert er 10.000 mensen bij zijn gekomen. Ten tijde van het leven van Patricia Paay is de wereldbevolking met een factor 5 toegenomen. Als je die curve zou uitzetten op 2000 jaar, zou ie in de laatste 60 jaar zo’n beetje loodrecht omhoog gaan. Ik ben er stil van. Wat nu te doen? 1 kind politiek over de hele wereld? Daar kan ik nog net aan meedoen, maar hoe zit het dan met die mensen om me heen. Die maar aanfokken alsof het niets is. Hebben die mensen geen TV? Geen besef van de bedreiging van ons (voort)bestaan!? Asociale klootzakken zijn het! Het is een beetje mosterd na de maaltijd, maar “Less birth, more earth” spreekt me wel aan dus ik snel naar een site die ik omwille van auteursrechtelijke privacy maar even www.hoeikzosnelmogelijkaaneenvasectomie.com noem. Goeie genade… Er zijn bloederige foto’s, dwarsdoorsnedes en praktijkverhalen. Ik zie de gezichten van de mannen die me voorgingen op het pad van de wereldverbetering en verbeeld me dat ik duidelijk zie dat hun ziel er uit gesneden is. En dan ineens zie ik het grotere geheel: wat nou als alleen de hufters nog maar kinderen krijgen? Dat alleen de asocialen zich npog maar voort blijven planten terwijl de weldenkende milieuactivisten laten ‘helpen’ om de wereld te redden. Wat zou dat betekenen? Kinderen krijgen is weliswaar zelfmoord maar geen kinderen krijgen dus ook… Nu na 15 maanden vaderschap heeft die bewuste uitzending het nog steeds niet overtuigend kunnen winnen van die site en m’n inzicht dus ik ben voorlopig nog maar even asociaal. Ondertussen vurig hopend dat mijn dochter een van de bedenksters van de oplossing voor dit helse dilemma wordt. Dan is mijn kind tenminste klimaatneutraal gebleken en voel ik me nergens meer schuldig over! Tot die tijd blijf ik voor de zekerheid nog maar even een anticonceptie gebruikende je-weet-wel–man-die-het-in-geval-van-nood-heus-nog-wel-kan…. met één kind. Of schat, als je dit leest, vanavond Flodder huren en lekker asociaal vroeg naar bed?
Met de groeten van Kemper
Remco Veldhuis
sluit column...
27-09-2010
Glitter & Glamour
lees column...
Er was een tijd dat wij cabaret nog combineerden met het leven als reclameman. Overdag reclameman, ’s avonds cabaretier. Nu hebben reclamemensen een nogal dubieuze reputatie. De meeste mensen vinden het een stelletje glijers die ons dingen laten geloven, vinden en kopen die we niet willen. Slechts sommigen dromen weg bij de gedachte aan snelle cabrio’s met dito mannen die zich al broodjes zalm weghappend in linnen pakken met instappers zonder sokken richting klanten spoeden om daar in 12 minuten een nieuwe campagne te ‘verkopen’. En op de terugweg al aan de champagne! Maar geloof het of niet; 90% van de reclamemensen in Nederland zijn gewone, treinreizende, hardwerkende vaders en moeders die zich het ongans zweten op de lay-out van de nieuwe brochure van het lokale glaszettersbedrijf. Iemand moet het doen. Maar als je als in de reclame werkt, zorg je er natuurlijk voor dat het ‘sexy’ imago van dat vak in stand blijft. Best spannend als je op een feestje mag vertellen over je laatste, spannende ‘fotoshoot’. Dat er gewoon een pak A4-printerpapier werd gefotografeerd voor de superaanbieding van de kantoorboekhandel hoeft natuurlijk niemand te weten. Blijkbaar willen mensen graag geloven wat ze toch al geloofden. Bij onze overstap naar het theaterleven dachten we dit dubbelspel achter ons te kunnen laten. Maskers af, welkom eerlijkheid! Want iedereen weet toch dat wereldberoemd zijn in Nederland een kwestie is van na de voorstelling een biertje drinken met je publiek en (als je sommige kleedkamers ziet) glitter & glamour vaak hetzelfde is als pissen in een emmer? Niets is minder waar. Zo heb ik kennissen die als ze met ons uit eten gaan onderweg al wedden om hoeveel handtekeningen ik vanavond uit zal delen. Als ik vervolgens in het pannenkoekenhuis wel één hele keer wordt herkend - “Ben je nou Nick of Simon?” – valt dat een beetje tegen. Nieuwe kennissen die bij ons thuis komen kijken vooral verbaasd: “Niet vrijstaand?”. En als ik dan ook nog vertel over onze knullige kleedkamerperikelen van haperende strijkbouten, zomen van broeken terugnaaien en het samen delen van ‘t laatste restje tandpasta, worden ze zelfs een beetje boos; “Ken ik een keer een BN-er, is het een sukkel!”. Dus voordat ik geen vrienden meer over heb lieg ik er weer ouderwets op los. Onze VIP-bus heeft 2 stewardessen aan boord die elke 5 minuten een hapje en een drankje brengen, schoenen dragen we maar 1 voorstelling en afstanden verder dan 50 km doen we met de heli. Nieuwe kennissen dienen zich inmiddels weer rijen dik aan en luisteren gretig naar mijn verhalen over premières vol BN-ers waar ik nooit ben geweest. En ik denk stiekem: theater voor de buitenwereld, het is soms net reclame.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
19-09-2010
Stop de talentenjacht!
lees column...
Even zien, de Soundmixshow, Idols, Star Academy, Starmaker, Popstars, The X Factor, My name is… het is een incompleet overzichtje van wat er in de afgelopen jaren aan talentenjachten op ons is afgevuurd. En dan vergeet ik bewust de Nix Factor te noemen, waar het er juist om ging om zo min mogelijk talent te hebben. Kandidaten zat uiteraard! Treurig genoeg hadden alleen de makers en de kijkers de ironie door en was een afwijzing door de jury toch voor veel kandidaten nog een grote teleurstelling. Aan de andere kant leverde het chromosomentekort bij veel andere wannabee-zangers juist weer pijnlijke beelden op van juichende kandidaten die wel door waren naar de volgende ronde. Geen fraai gezicht. Wat heeft die jacht ons in de loop der jaren nou wezenlijk opgeleverd? Ik chargeer even, maar het antwoord op die vraag zou zomaar kunnen zijn: Marco Borsato! Tuurlijk hebben Jim, Jamai, Boris, Nikki, Lisa, Jaap en god weet wie nog meer hun carrières te danken aan die shows, maar wie van hen had ook zonder gekund? Of heeft talent nu gewoon 120.000 sms-jes nodig om boven te komen drijven? We gaan het (opnieuw) zien, nee, horen in The Voice of Holland! Nu nóg gehervernieuwender want de jury kan de kandidaten niet zien! Spannend… Ik hoop oprecht dat er een Borsato uitrolt, maar ook dat we daarna het jachtseizoen sluiten. Een hele generatie groeit namelijk op met het idee dat de weg naar het zijn van zanger(es) loopt via tv. Dat auditie doen voor Gerard Joling iets zegt over je toekomst in de muziek. Dat Patricia Paay of die man met die rare oren van SBS er werkelijk toe doen bij je artistieke ontwikkeling. Als we de natuur nou gewoon een jaar of twintig laten herstellen en de talenten ondertussen mikken op opleiding, veel uren maken en/of muzikale uniciteit ontwikkelen dan duiken er vanzelf nieuwe Trijntje Oosterhuizen, Van Velzens, Caro Emeralds, of Marco Borsato’s op, toch? Dus stop de talentenjacht, voor we ze door overbejaging op de rand van uitsterven brengen! Ik heb daarvoor alvast een TV-programma bedacht; een talentenjacht waarbij je niet alleen de kandidaat niet ziet, maar ook de jury niet. En niet hoort! Briljant! Ik hoor het wel als John de Mol wil praten over mijn juryvoorzitterschap, ga ik nu weer even kijken naar Oh Oh Gherso. Die gasten hebben pas talent. O en dan nog wat: het feit dat Richard en ik de cabarettalentenjacht Cameretten in 1999 nét niet wonnen, maar 2e werden na Popstars jurylid Marc-Marie Huijbregts, heeft hier allemaal natuurlijk niets mee te maken…
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
10-09-2010
For twitter or worse
lees column...
Als je vindt dat vroeger alles beter was, wordt je oud. Alleen daarom al vind ik het nu fantastisch. En met 2 kinderen in de pubertijd denk ik dat het alleen maar beter wordt. Is er iemand ziek, verliefd of verdrietig, dan sturen ze elkaar hartverwarmende berichtjes. Op Hyves. Iedereen mag het zien. Gênant om te lezen soms, maar uit goede, prille harten. Volgens mijn zoon van 13 moesten wij een jaar geleden ook maar eens aan de Hyves. “Ali B., Nick & Simon, Marco Borsato; iedereen doet dat!” En als wij een beetje mee wilden komen, moesten we écht aansluiten. Ik kon twee dingen doen; zijn advies in de wind slaan en elke toekomstige betrokkenheid bij mijn werk vergeten of dit gebruiken als een opvoedkundige oefening. “Oké”, zei ik, “ik ga aan de Hyves, maar jij maakt de pagina en wordt de ‘manager’ ervan”. Eigen verantwoordelijkheid; altijd goed.
Binnen 3 kwartier had ik een keck vormgegeven Hyves-pagina, inclusief veel te veel privé-foto’s en ‘favo’ clipjes van artiesten waar ik nog nooit van had gehoord. Na een paar uur onderhandelen met mijn persoonlijke Hyves manager hadden we een pagina waar we beide mee konden leven. En ja hoor; mijn mailbox stroomde vol met ‘uitnodigingen van nieuwe vrienden’. Mensen die ik nog nooit had ontmoet maar dat maakt op Hyves niet uit. Ik vond het wel geinig. Opeens kreeg ik persoonlijke berichtjes van mensen die bij een voorstelling waren geweest en herinneringen bij onze liedteksten. Ik kwam erachter dat je op Hyves ‘echt niet’ kan schrijven als ‘eg nie’ en dat als je iets leuk vindt ‘chill’ moet roepen met een dansend mannetje erbij. Wat ook opviel was de hoeveelheid mensen die mij in het theater na de voorstelling met een blik vol herkenning aan bleven staren. Leuk, maar ik herkende ze niet. “Ja hallo, wij zijn vrienden hoor!” klonk dan het enigszins teleurgesteld. Inmiddels herken ik zo’n blik meteen en roep: “Hé jij bent toch vriend van Hyves?”. Altijd raak. Mijn zoon is allang mijn manager niet meer. Bij zijn 4e Hyves-bericht uit mijn naam dat ik vandaag ‘vette hoofdpijn heb en ik hoop dat ik mogge eg weer chill ben’ kwamen we in goed onderling overleg overeen dat onze professionele wegen zich maar moesten scheiden. Maar ik had inmiddels wel een paar honderd vrienden. En vrienden, die laat je niet in de kou staan. Dus check ik sindsdien trouw zelf elke dag mijn Hyves mailbox, lees de laatste ‘krabbels’ en accepteer nieuwe vrienden alsof het een lieve lust is.
Vorige week zei mijn inmiddels 14-jarige zoon trouwens dat Hyves voor artiesten alweer behoorlijk passé is en we nu toch écht aan de Twitter moesten. Om een lang verhaal kort te maken: http://twitter.com/Veldhuis_Kemper En als u leest dat u “ kaartjes kan kaufe voor onse saalige shows”, dan weet u waar het vandaan komt; mijn ‘manager’.
Met de groeten van Veldhuis,
Richard Kemper
sluit column...
04-09-2010
Een Kollum doen...
lees column...
L.S! Lectori salutem! Gegroet lezer! Meestal gebruik je L.S. omdat je geen flauw benul hebt wie je brief of mail leest en dat is in dit geval niet anders. Maar toch voelt dit anders. Niet omdat ik wél enige notie heb wie u bent, maar omdat ik ongeveer denk te weten hoe u dit leest. Ik zeg: in een badjas, of nog maar net aangekleed ergens in uw vrije weekend? Nou? Dat schept toch even een band niewaar. Een kleintje, maar toch! Nou eh, hoe maakt u het? Of mag ik al je zeggen?
Hoe dan ook, u of je leest ‘as we speak’ voor het eerst een column van ons in ‘Vrij’. En u of je mag best weten; ik heb me wel even ergens overheen moeten zetten om ‘ja’ te zeggen. Ik leg het uit. Ergens in 2002 wordt Veldhuis & Kemper gevraagd “een Kollum te komen doen”. Oftewel, een cabaretvoorstelling te spelen in Kollum, een plaatsje hoog in Friesland. Er valt een boekenbon en een fles Berenburg te verdienen en alles voor de (klein)kunst dus wij er heen. Een pokke end waar geen eind aan komt maar eenmaal in Kollum zeer de moeite waard. Er staat een heus dorpshuis met 350 klapstoelen en een mooie vleugel op ons te wachten. Na een prima soundcheck is het hup aan het avondeten bij de lokale Chinees. Je vraagt je overigens af wat de beweegredenen zijn van een voor de dictatuur en armoede gevluchte Chinees om zich te vestigen in Kollum, maar goed. Het is aanvang, het doek gaat open en viola… welgeteld 24 van de 350 klapstoelen zijn bezet! Aan de grond genageld en intens teleurgesteld wil ik het doek weer dichttrekken, “dankuwel!” roepen en naar de bus rennen, maar Kemper besluit anders. Hij springt onder het uitroepen van “Dit is een unieke kans!” van het podium af om vervolgens iedereen persoonlijk de hand te schudden en te vragen naar diens naam, werk, levensloop en burgerlijke staat. Ik weet niet meer precies hoe de avond verder verliep en dat doet er eigenlijk ook niet toe. Feit is dat ik die avond een trauma heb opgelopen met Kollum. Ik kan tot op de dag van vandaag het woord niet horen of het klamme zweet breekt me uit. Toen ‘Vrij’ belde met de vraag “of Veldhuis & Kemper een column wilde doen” was dat niet anders…
Getraumatiseerd of niet, ik ga dus per omgaande m’n stinkende best doen om te columneren. Maar dan wel om de week. Want die andere week doet Kemper het, en die heeft nergens last van. Sterker nog, die gaat waarschijnlijk vragen naar uw of jouw naam, werk, levensloop en burgerlijke staat. En da’s mooi, want dan kunnen we dat L.S. voortaan achterwege laten.
We hebben er zin in!
Met de groeten van Kemper,
Remco Veldhuis
sluit column...
|
|
|
SPEELLIJST
|
Blonde Krullen I Tunes
|
LUISTER VOORPROEFJE ALBUM
|
DVD 'WE MOETEN PRATEN'
|
DVD 'TIJD HEELT ALLE ZONDEN'
|
V&K SONGBOOK
|
CLIPJE
|
|